All NT OTBook
Compare Texts
Song of Solomon 1 Isaiah 40

Isaiah 41:1-29

Isaiah 42 Jeremiah 1

Statenvertaling 1750

 
 
 
Isa 41:1
 
Zwijgt voor Mij, gij eilanden! en laat de volken de kracht vernieuwen; laat ze toetreden, laat ze dan spreken; laat ons samen ten gerichte naderen.  
 
Isa 41:2
 
Wie heeft van den opgang dien rechtvaardige verwekt? heeft hem geroepen op zijn voet? de heidenen voor zijn aangezicht gegeven, en gemaakt, dat hij over koningen heerste? heeft ze zijn zwaard gegeven als stof, zijn boog als een voortgedreven stoppel?  
 
Isa 41:3
 
Dat hij ze najaagde en doortrok met vrede, door een pad, hetwelk hij met zijn voeten niet gegaan had?  
 
Isa 41:4
 
Wie heeft dit gewrocht en gedaan, roepende de geslachten van den beginne? Ik, de HEERE, Die de Eerste ben, en met den Laatste ben Ik Dezelfde.  
 
Isa 41:5
 
De eilanden zagen het, en zij vreesden; de einden der aarde beefden; zij naderden en kwamen toe;  
 
Isa 41:6
 
De een hielp den ander, en zeide tot zijn metgezel: Wees sterk!  
 
Isa 41:7
 
En de werkmeester versterkte den goudsmid; die met den hamer glad maakt, dien, die op het aambeeld slaat, zeggende van het soldeersel: Het is goed; daarna maakt hij het vast met nagelen, dat het niet wankele.  
 
Isa 41:8
 
Maar gij, Israel, Mijn knecht! gij Jakob, dien Ik verkoren heb! het zaad van Abraham, Mijn liefhebber!  
 
Isa 41:9
 
Gij, welken Ik gegrepen heb van de einden der aarde, en uit haar bijzonderste geroepen heb; en zeide tot u: Gij zijt Mijn knecht; u heb Ik uitverkoren, en heb u niet verworpen.  
 
Isa 41:10
 
Vrees niet, want Ik ben met u; zijt niet verbaasd, want Ik ben uw God; Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met de rechterhand Mijner gerechtigheid.  
 
Isa 41:11
 
Ziet, zij zullen beschaamd en te schande worden, allen, die tegen u ontstoken zijn; zij zullen worden als niet, en die lieden, die met u twisten, zullen vergaan.  
 
Isa 41:12
 
Gij zult hen zoeken, maar zult hen niet vinden; de lieden, die met u kijven, zullen worden als niet, en die lieden, die met u oorlogen, als een nietig ding.  
 
Isa 41:13
 
Want Ik, de HEERE, uw God, grijp uw rechterhand aan, Die tot u zeg: Vrees niet, Ik help u.  
 
Isa 41:14
 
Vrees niet, gij wormpje Jakobs, gij volkje Israels! Ik help u, spreekt de HEERE, en uw Verlosser is de Heilige Israels!  
 
Isa 41:15
 
Ziet, Ik heb u tot een scherpe nieuwe dorsslede gesteld, die scherpe pinnen heeft; gij zult bergen dorsen en vermalen, en heuvelen zult gij stellen gelijk kaf.  
 
Isa 41:16
 
Gij zult ze wannen, en de wind zal ze wegnemen, en de stormwind zal ze verstrooien; maar gij zult u verheugen in den HEERE; in den Heilige Israels zult gij u roemen.  
 
Isa 41:17
 
De ellendigen en nooddruftigen zoeken water, maar er is geen, hun tong versmacht van dorst; Ik, de HEERE zal hen verhoren, Ik, de God Israels, zal hen niet verlaten.  
 
Isa 41:18
 
Ik zal rivieren op de hoge plaatsen openen, en fonteinen in het midden der valleien; Ik zal de woestijn tot een waterpoel zetten, en het dorre land tot watertochten.  
 
Isa 41:19
 
Ik zal in de woestijn den cederboom, den sittimboom, en den mirteboom, en den olieachtigen boom zetten; Ik zal in de wildernis stellen den denneboom, den beuk, en den busboom te gelijk;  
 
Isa 41:20
 
Opdat zij zien, en bekennen, en overleggen, en te gelijk verstaan, dat de hand des HEEREN zulks gedaan, en dat de Heilige Israels zulks geschapen heeft.  
 
Isa 41:21
 
Brengt ulieder twistzaak voor, zegt de HEERE; brengt uw vaste bewijsredenen bij, zegt de Koning van Jakob.  
 
Isa 41:22
 
Laat hen voortbrengen en ons verkondigen de dingen, die gebeuren zullen; verkondigt de vorige dingen, welke die geweest zijn, opdat wij het ter harte nemen, en het einde daarvan weten; of doet ons de toekomende dingen horen.  
 
Isa 41:23
 
Verkondigt dingen, die hierna komen zullen, opdat wij weten, dat gij goden zijt; ja, doet goed, en doet kwaad, dat wij verbaasd staan, en te zamen toezien.  
 
Isa 41:24
 
Ziet, gijlieden zijt minder dan niet, en ulieder werk is erger dan een adder; hij is een gruwel, die ulieden verkiest.  
 
Isa 41:25
 
Ik verwek een van het noorden, en hij zal opkomen van den opgang der zon; hij zal Mijn Naam aanroepen; en hij zal komen over de overheden als over leem, en gelijk een pottenbakker het slijk treedt.  
 
Isa 41:26
 
Wie heeft wat verkondigd van den beginne aan, dat wij het weten mogen, of van te voren, dat wij zeggen mogen: Hij is rechtvaardig; maar er is niemand, die het verkondigt, ook niemand, die wat horen doet, ook niemand, die ulieder woorden hoort.  
 
Isa 41:27
 
Ik, de Eerste zeg tot Sion: Zie, zie ze daar! en tot Jeruzalem: Ik zal een blijden boodschapper geven.  
 
Isa 41:28
 
Want Ik zag toe, maar er was niemand, zelfs onder dezen, maar er was geen raadgever, dat Ik hen zou vragen, en zij Mij antwoord geven zouden.  
 
Isa 41:29
 
Ziet, zij zijn altemaal ijdelheid, hun werken zijn een nietig ding, hun gegoten beelden zijn wind, en een ijdel ding.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Song of Solomon 1Isaiah 4024 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 Isaiah 42Jeremiah 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards