All NT OTBook
Compare Texts
Job 1 Psalms 9

Psalms 10:1-18

Psalms 11 Proverbs 1

Statenvertaling 1750

 
 
 
Psa 10:1
 
O HEERE! waarom staat Gij van verre? waarom verbergt Gij U in tijden van benauwdheid?  
 
Psa 10:2
 
De goddeloze vervolgt hittiglijk in hoogmoed den ellendige; laat hen gegrepen worden in de aanslagen, die zij bedacht hebben.  
 
Psa 10:3
 
Want de goddeloze roemt over den wens zijner ziel; hij zegent den gierigaard, hij lastert den HEERE.  
 
Psa 10:4
 
De goddeloze, gelijk hij zijn neus omhoog steekt, onderzoekt niet; al zijn gedachten zijn, dat er geen God is.  
 
Psa 10:5
 
Zijn wegen maken ten allen tijde smarte; Uw oordelen zijn een hoogte, verre van hem; al zijn tegenpartijders, die blaast hij aan.  
 
Psa 10:6
 
Hij zegt in zijn hart: Ik zal niet wankelen; want ik zal van geslacht tot geslacht in geen kwaad zijn.  
 
Psa 10:7
 
Zijn mond is vol van vloek, en bedriegerijen, en list; onder zijn tong is moeite en ongerechtigheid.  
 
Psa 10:8
 
Hij zit in de achterlage der hoeven, in verborgene plaatsen doodt hij den onschuldige; zijn ogen verbergen zich tegen den arme.  
 
Psa 10:9
 
Hij legt lagen in een verborgen plaats, gelijk een leeuw in zijn hol; hij legt lagen, om den ellendige te roven; hij rooft den ellendige, als hij hem trekt in zijn net.  
 
Psa 10:10
 
Hij duikt neder, hij buigt zich; en de arme hoop valt in zijn sterke poten.  
 
Psa 10:11
 
Hij zegt in zijn hart: God heeft het vergeten, Hij heeft Zijn aangezicht verborgen, Hij ziet niet in eeuwigheid.  
 
Psa 10:12
 
Sta op, HEERE God! hef Uw hand op, vergeet de ellendigen niet.  
 
Psa 10:13
 
Waarom lastert de goddeloze God? zegt in zijn hart: Gij zult het niet zoeken?  
 
Psa 10:14
 
Gij ziet het immers; want Gij aanschouwt de moeite en het verdriet, opdat men het in Uw hand geve; op U verlaat zich de arme, Gij zijt geweest een Helper van den wees.  
 
Psa 10:15
 
Breek den arm des goddelozen en bozen; zoek zijn goddeloosheid, totdat Gij haar niet vindt.  
 
Psa 10:16
 
De HEERE is Koning eeuwiglijk en altoos; de heidenen zijn vergaan uit Zijn land.  
 
Psa 10:17
 
HEERE! Gij hebt den wens der zachtmoedigen gehoord; Gij zult hun hart sterken, Uw oor zal opmerken;  
 
Psa 10:18
 
Om den wees en verdrukte recht te doen; opdat een mens van de aarde niet meer voortvare geweld te bedrijven.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Job 1Psalms 91 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 Psalms 11Proverbs 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards