All NT OTBook
Compare Texts
Esther 1 Job 10

Job 11:1-20

Job 12 Psalms 1

Statenvertaling 1750

 
 
 
Job 11:1
 
Toen antwoordde Zofar, de Naamathiet, en zeide:  
 
Job 11:2
 
Zou de veelheid der woorden niet beantwoord worden, en zou een klapachtig man recht hebben?  
 
Job 11:3
 
Zouden uw leugenen de lieden doen zwijgen, en zoudt gij spotten, en niemand u beschamen?  
 
Job 11:4
 
Want gij hebt gezegd: Mijn leer is zuiver, en ik ben rein in uw ogen.  
 
Job 11:5
 
Maar gewisselijk, och, of God sprak, en Zijn lippen tegen u opende;  
 
Job 11:6
 
En u bekend maakte de verborgenheden der wijsheid, omdat zij dubbel zijn in wezen! Daarom weet, dat God voor u vergeet van uw ongerechtigheid.  
 
Job 11:7
 
Zult gij de onderzoeking Gods vinden? Zult gij tot de volmaaktheid toe den Almachtige vinden?  
 
Job 11:8
 
Zij is als de hoogten der hemelen, wat kunt gij doen? Dieper dan de hel, wat kunt gij weten?  
 
Job 11:9
 
Langer dan de aarde is haar maat, en breder dan de zee.  
 
Job 11:10
 
Indien Hij voorbijgaat, opdat Hij overlevere of vergadere, wie zal dan Hem afkeren?  
 
Job 11:11
 
Want Hij kent de ijdele lieden, en Hij ziet de ondeugd; zou Hij dan niet aanmerken?  
 
Job 11:12
 
Dan zal een verstandeloos man kloekzinnig worden; hoewel de mens als het veulen eens woudezels geboren is.  
 
Job 11:13
 
Indien gij uw hart bereid hebt, zo breid uw handen tot Hem uit.  
 
Job 11:14
 
Indien er ondeugd in uw hand is, doe die verre weg; en laat het onrecht in uw tenten niet wonen.  
 
Job 11:15
 
Want dan zult gij uw aangezicht opheffen uit de gebreken, en zult vast wezen, en niet vrezen.  
 
Job 11:16
 
Want gij zult de moeite vergeten, en harer gedenken als der wateren, die voorbijgegaan zijn.  
 
Job 11:17
 
Ja, uw tijd zal klaarder dan de middag oprijzen; gij zult uitvliegen, als de morgenstond zult gij zijn.  
 
Job 11:18
 
En gij zult vertrouwen, omdat er verwachting zal zijn; en gij zult graven, gerustelijk zult gij slapen;  
 
Job 11:19
 
En gij zult nederliggen, en niemand zal u verschrikken; en velen zullen uw aangezicht smeken.  
 
Job 11:20
 
Maar de ogen der goddelozen zullen bezwijken, en de toevlucht zal van hen vergaan; en hun verwachting zal zijn de uitblazing der ziel.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Esther 1Job 101 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 Job 12Psalms 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards