All NT OTBook
Compare Texts
Joshua 1 Judges 14

Judges 15:1-20

Judges 16 Ruth 1

Hollands LEI

 
 
 
Jdg 15:1
 
Maar enigen tijd daarna, in den tarweoogst, ging Simson zijn vrouw opzoeken, een geitebokje medebrengende. Hij zeide: Laat mij naar mijn vrouw in haar kamer gaan!  
 
Jdg 15:2
 
Doch haar vader stond hem niet toe naar binnen te gaan en zeide: Ik dacht zeker dat gij een geduchten haat tegen haar hadt opgevat; daarom heb ik haar aan uw makker gegeven. Maar haar jongere zuster is immers schooner dan zij? Laat zij in haar plaats uw vrouw worden.  
 
Jdg 15:3
 
Maar Simson zeide tot hem: Ditmaal hebben de Filistijnen geen recht mij te beschuldigen wanneer ik hun kwaad doe.  
 
Jdg 15:4
 
Toen ging Simson heen, ving driehonderd vossen, nam fakkels, keerde staart aan staart, hing tussen elk paar staarten een fakkel,  
 
Jdg 15:5
 
stak die fakkels aan en joeg de dieren in het te veld staand koorn der Filistijnen. Zo stak hij graanstapels en te veld staand koorn, wingerden en olijfgaarden in brand.  
 
Jdg 15:6
 
Op de vraag der Filistijnen, wie dat gedaan had, zeide men: Simson, de schoonzoon van den Timniet; omdat deze zijn vrouw heeft genomen en aan zijn makker gegeven. Daarom gingen de Filistijnen heen en verbrandden haar en het huis haars vaders.  
 
Jdg 15:7
 
Maar Simson zeide: Als gij zo doet, dan zal ik niet rusten voordat ik mij op u heb gewroken.  
 
Jdg 15:8
 
En hij versloeg hen, schenkel met heup: een zware slag. Daarna ging hij af en koos zijn verblijf in de steenkloof van Etam.  
 
Jdg 15:9
 
Toen trokken de Filistijnen op, legerden zich in Juda en breidden zich uit in Lehi.  
 
Jdg 15:10
 
Op de vraag der Judeers: Waarom zijt gij tegen ons opgetrokken? antwoordden zij: Wij zijn opgetrokken om Simson te binden, ten einde hem te doen wat hij ons gedaan heeft.  
 
Jdg 15:11
 
Hierop gingen drie duizend man uit Juda naar de steenkloof van Etam en zeiden tot Simson: Weet gij niet dat de Filistijnen over ons heersen? Waarom hebt gij ons dan dit gedaan? Hij zeide tot hen: Wat zij mij gedaan hadden, dat heb ik hun gedaan!  
 
Jdg 15:12
 
Zij zeiden tot hem: Wij zijn afgekomen om u te binden, ten einde u aan de Filistijnen uit te leveren. Simson zeide tot hen: Zweert mij dat gij zelf niet op mij zult aanvallen.  
 
Jdg 15:13
 
Zij zeiden tot hem: Neen, wij willen u alleen binden en aan hen uitleveren; doden zullen wij u stellig niet. Toen bonden zij hem met twee nieuwe touwen en voerden hem van de rots mede.  
 
Jdg 15:14
 
Maar toen hij te Lehi kwam en de Filistijnen onder gejuich hem tegemoet gingen, kwam de geest des Heeren op hem en werden de touwen om zijn armen als in het vuur verkoolde vlasstengels, ja, zijn boeien smolten van zijn handen.  
 
Jdg 15:15
 
Hij zag een weggeworpen ezelskinnebak liggen, strekte de hand uit, raapte ze op en versloeg er duizend man mede.  
 
Jdg 15:16
 
Toen zeide Simson: Met de ezelskinnebak heb ik hen duchtig afgerost, met de ezelskinnebak versloeg ik duizend man!  
 
Jdg 15:17
 
Na uitgesproken te hebben, wierp hij de kinnebak weg en noemde die plaats: de hoogte van Lehi.  
 
Jdg 15:18
 
Daarna kreeg hij groten dorst en riep tot den Heer en zeide: Gij hebt door uw dienaar deze grote uitredding geschonken. Zou ik nu van dorst sterven en in de handen der onbesnedenen vallen?  
 
Jdg 15:19
 
Toen spleet God het been van de kinnebak, en er vloeide water uit, waarvan hij dronk; zodat zijn geest terugkeerde en hij weder opleefde. Daarom heet die bron: de bron des roepers. Zij is tot op dezen dag in Lehi.  
 
Jdg 15:20
 
En hij richtte Israel in de dagen der Filistijnen twintig jaar.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Joshua 1Judges 141 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 Judges 16Ruth 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards