All NT OTBook
Compare Texts
Philemon 1 Hebrews 2

Hebrews 3:1-19

Hebrews 4 James 1

Hollands LEI

 
 
 
Hbr 3:1
 
Daarom, heilige broeders, deelgenoten aan de hemelse roeping, ziet op den gezant en hogepriester onzer belijdenis, Jezus,  
 
Hbr 3:2
 
die, evenals Mozes, aan zijn Schepper in diens ganse huis getrouw was.  
 
Hbr 3:3
 
Want hij is zoveel groter heerlijkheid dan Mozes waardig gekeurd als een die een huis bouwt groter eer verkrijgt dan het huis.  
 
Hbr 3:4
 
Immers, ieder huis is door iemand gebouwd, maar hij die alles gebouwd heeft is God.  
 
Hbr 3:5
 
Mozes nu was wel getrouw in zijn ganse huis als een dienaar, tot een getuigenis van hetgeen later verkondigd zou worden,  
 
Hbr 3:6
 
maar Christus is als zoon betrouwbaar over zijn huis. En zijn huis zijn wij, indien wij de vrijmoedigheid en den roem der hoop tot het einde toe stevig vasthouden.  
 
Hbr 3:7
 
Dus, zoals de Heilige Geest zegt: Heden, nu gij zijn stem hoort,  
 
Hbr 3:8
 
verhardt uw harten niet, gelijk in de verbittering, ten dage der verzoeking in de woestijn,  
 
Hbr 3:9
 
toen uw vaderen Mij op de proef stelden en mijn werken zagen, veertig jaren lang.  
 
Hbr 3:10
 
Daarom ben Ik toornig geweest op dit geslacht en heb Ik gezegd: Altijd dwalen zij in hun hart. --Zij echter hebben mijn wegen niet gekend;  
 
Hbr 3:11
 
zodat Ik zwoer in mijn toorn: Nimmer zullen zij in mijn rust ingaan! --  
 
Hbr 3:12
 
Zorgt, broeders, dat in niemand van u een ongelovig en boos hart zij, zodat gij afvalt van den levenden God,  
 
Hbr 3:13
 
maar vermaant elkander elken dag, zolang het nog "heden" heet, opdat niemand uwer zich verharde door de verleiding der zonde;  
 
Hbr 3:14
 
want wij zijn deelgenoten van Christus geworden, indien wij het aanvankelijk vertrouwen tot het einde toe stevig vasthouden.  
 
Hbr 3:15
 
Want er staat: Heden, nu gij zijn stem hoort, verhardt uw harten niet, gelijk in de verbittering.  
 
Hbr 3:16
 
Wie toch waren de hoorders die God verbitterden? Waren het niet allen die onder de leiding van Mozes uit Egypte waren getrokken?  
 
Hbr 3:17
 
Op wie is Hij veertig jaren vertoornd geweest? Was het niet op hen die gezondigd hadden, wier lijken in de woestijn zijn gevallen?  
 
Hbr 3:18
 
Aan wie anders heeft Hij gezworen dat zij in zijn rust niet zouden ingaan dan aan de ongehoorzamen?  
 
Hbr 3:19
 
Zo zien wij dat zij niet konden ingaan door hun ongeloof.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Philemon 1Hebrews 21 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 Hebrews 4James 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards