All NT OTBook
Compare Texts
Mark 1 Luke 22

Luke 23:1-56

Luke 24 John 1

Hollands LEI

 
 
 
Luk 23:1
 
Hierna maakten zij zich gezamenlijk op en voerden hem naar Pilatus.  
 
Luk 23:2
 
Zij begonnen hem te beschuldigen: Wij hebben bevonden dat deze man het volk van den rechten weg voert en het opbrengen van belastingen aan den keizer tegenwerkt; daar hij zegt dat hijzelf de Christus is, dat wil zeggen: een koning.  
 
Luk 23:3
 
Pilatus vroeg hem dan: Zijt gij de koning der Joden? En hij antwoordde: Gij zegt het.  
 
Luk 23:4
 
Pilatus zeide tot de overpriesters en de schare: Ik vind geen schuld in dezen mens.  
 
Luk 23:5
 
Maar zij verzekerden nog stelliger: Hij ruit het volk op door zijn prediking in geheel Judea, te beginnen van Galilea tot hier toe.  
 
Luk 23:6
 
Zodra Pilatus dit hoorde, vroeg hij, of hij een Galileer was,  
 
Luk 23:7
 
en vernemend dat hij uit het gebied van Herodes was, zond hij hem tot Herodes, die zich in die dagen juist in Jeruzalem bevond.  
 
Luk 23:8
 
Toen Herodes Jezus zag, werd hij zeer blijde; want sedert geruimen tijd had hij begeerd hem te zien om hetgeen hij van hem hoorde, en hij hoopte hem een wonder te zien doen.  
 
Luk 23:9
 
Hij stelde hem dus vele vragen; maar Jezus gaf hem geen antwoord.  
 
Luk 23:10
 
De overpriesters en schriftgeleerden stonden hem heftig te beschuldigen.  
 
Luk 23:11
 
En Herodes, met zijn soldaten, hoonde en bespotte hem, doste hem in een schitterend kleed en zond hem naar Pilatus terug.  
 
Luk 23:12
 
Op dien dag werden Herodes en Pilatus vrienden; tevoren toch waren zij elkander vijandig geweest.  
 
Luk 23:13
 
Nu riep Pilatus de overpriesters, de overheidspersonen en het volk samen en zeide:  
 
Luk 23:14
 
Gij hebt dezen mens tot mij gebracht als een die het volk van den goeden weg brengt, maar ik heb hem in uw tegenwoordigheid verhoord en bevonden dat hij onschuldig is aan hetgeen gij hem te laste legt.  
 
Luk 23:15
 
Desgelijks Herodes; hij heeft hem immers tot ons teruggezonden; want niets dat den dood verdient is door hem gedaan.  
 
Luk 23:16
 
Dus zal ik hem na een tuchtiging loslaten.  
 
Luk 23:17
 
 
 
Luk 23:18
 
Maar zij riepen eenparig: Weg met hem! Laat ons Barabbas los! --  
 
Luk 23:19
 
een die om een oproer dat in de stad had plaatsgehad en een moord in de gevangenis was geworpen.  
 
Luk 23:20
 
Pilatus, die gezind was Jezus in vrijheid te stellen, riep hun wederom toe;  
 
Luk 23:21
 
maar zij schreeuwden: Kruisig, kruisig hem!  
 
Luk 23:22
 
Ten derden male zeide hij tot hen: Wat kwaads heeft hij dan gedaan? Ik heb niets in hem gevonden dat den dood verdient. Dus zal ik hem tuchtigen en loslaten.  
 
Luk 23:23
 
Maar zij drongen met luid geschreeuw er op aan dat hij gekruisigd zou worden, en hun geroep werd geweldig.  
 
Luk 23:24
 
Toen besliste Pilatus dat hun eis ingewilligd zou worden.  
 
Luk 23:25
 
Hij stelde den man die om oproer en doodslag in de gevangenis was geworpen, wiens loslating zij geeist hadden, in vrijheid, en Jezus gaf hij naar hun begeerte prijs.  
 
Luk 23:26
 
Toen zij hem uitleidden, grepen zij zekeren Simon uit Cyrene, die van buiten kwam, en legden hem het kruis op om het achter Jezus te dragen.  
 
Luk 23:27
 
Een grote menigte volks volgde hem, waaronder vrouwen, die zich op de borst sloegen en hem beklaagden.  
 
Luk 23:28
 
En Jezus wendde zich tot haar en zeide: Dochters van Jeruzalem, weent niet over mij; maar weent over uzelf en uw kinderen;  
 
Luk 23:29
 
want zie, er komen dagen waarop men zeggen zal: Zalig de onvruchtbaren, de schoot die niet gebaard heeft en de borsten die niet hebben gezoogd.  
 
Luk 23:30
 
Dan zal men tot de bergen gaan zeggen: Valt op ons! en tot de heuvelen: Bedekt ons!  
 
Luk 23:31
 
want als men dit doet aan het groene hout, wat zal dan aan het dorre overkomen?  
 
Luk 23:32
 
Twee misdadigers werden, nog met hem weggeleid om ter dood gebracht te worden,  
 
Luk 23:33
 
en aan de plaats die Schedel heet gekomen, kruisigden zij aldaar hem en de boosdoeners, den enen ter rechter zijde, den anderen ter linkerzijde.  
 
Luk 23:34
 
En Jezus zeide: Vader, vergeef het hun; want zij weten niet wat zij doen. Zij verdeelden zijn klederen bij het lot,  
 
Luk 23:35
 
en het volk stond het aan te zien. Ook beschimpten hem de oversten en zeiden: Anderen heeft hij verlost; laat hij nu zichzelf verlossen, indien hij de Christus Gods, de Uitverkorene, is!  
 
Luk 23:36
 
Ook de soldaten bespotten hem, kwamen bij hem, brachten hem azijn  
 
Luk 23:37
 
en zeiden: Als gij de koning der Joden zijt, verlos uzelf!  
 
Luk 23:38
 
Boven hem hing een opschrift: Dit is de koning der Joden.  
 
Luk 23:39
 
En een der gekruisigde boosdoeners zei smalend tot hem: Zijt gij niet de Christus? Verlos uzelf en ons!  
 
Luk 23:40
 
Maar de ander bestrafte hem en antwoordde: Vreest ook gij God niet, nu gij dezelfde straf ondergaat?  
 
Luk 23:41
 
En wij terecht; want wij krijgen ons verdiende loon; maar hij heeft niets onbehoorlijks gedaan.  
 
Luk 23:42
 
Ook zeide hij: Jezus, denk aan mij wanneer gij in uw koninkrijk gekomen zijt.  
 
Luk 23:43
 
En hij zeide tot hem: Voorwaar, ik zeg u, heden zult gij met mij in het Paradijs zijn.  
 
Luk 23:44
 
Het was reeds omstreeks de zesde ure toen het over de gehele aarde tot negen uur toe donker werd;  
 
Luk 23:45
 
daar de zon werd verduisterd; ook scheurde het voorhangsel van den tempel doormidden.  
 
Luk 23:46
 
En Jezus riep met luide stem: Vader, aan uw handen vertrouw ik mijn geest toe. Met deze woorden blies hij den adem uit.  
 
Luk 23:47
 
Toen de hoofdman zag wat geschiedde, verheerlijkte hij God en zeide: Waarlijk, die man was rechtschapen.  
 
Luk 23:48
 
En de gehele menigte die voor het schouwspel saamgekomen was keerde, toen zij gezien had wat gebeurd was, zich op de borst slaande terug.  
 
Luk 23:49
 
Al zijn bekenden, ook de vrouwen die hem van Galilea gevolgd waren, stonden op een afstand het aan te zien.  
 
Luk 23:50
 
En zie, een man, Jozef genaamd, lid van den Raad, een goed en rechtschapen man  
 
Luk 23:51
 
--hij had geen deel genomen aan hun raadslag en bedrijf--afkomstig uit Arimathea, een stad der Joden, een man die uitzag naar het Koninkrijk Gods.....  
 
Luk 23:52
 
Deze ging naar Pilatus en verzocht om het lijk van Jezus;  
 
Luk 23:53
 
hij nam het af, wikkelde het in een laken en legde het in een in steen uitgehouwen graf, waarin nog niemand gelegd was.  
 
Luk 23:54
 
Het was Vrijdag; de sabbat brak aan.  
 
Luk 23:55
 
En de vrouwen die met Jezus uit Galilea gekomen waren volgden en zagen het graf en hoe zijn lijk werd bijgezet;  
 
Luk 23:56
 
waarna zij terugkeerden en geurige stoffen en mirre bereidden. Nadat zij op den sabbat volgens het gebod gerust hadden,  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Mark 1Luke 221 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 Luke 24John 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards