All NT OTBook
Compare Texts
Matthew 1 Mark 14

Mark 15:1-47

Mark 16 Luke 1

Hollands LEI

 
 
 
Mar 15:1
 
Aanstonds in den vroegen morgen namen de overpriesters, met de oudsten, de schriftgeleerden en den gehelen Groten Raad, een besluit: zij boeiden Jezus, voerden hem weg en leverden hem aan Pilatus over.  
 
Mar 15:2
 
Toen Pilatus hem vroeg: Zijt gij de koning der Joden? gaf hij hem ten antwoord: Gij zegt het.  
 
Mar 15:3
 
Maar toen de overpriesters vele beschuldigingen tegen hem inbrachten  
 
Mar 15:4
 
en Pilatus hem opnieuw vroeg: Antwoordt gij niets? Zie, hoeveel beschuldigingen zij tegen u inbrengen--  
 
Mar 15:5
 
antwoordde Jezus niets meer; zodat Pilatus zich verwonderde.  
 
Mar 15:6
 
Op een feestdag nu placht hij hun een gevangene in vrijheid te stellen, een wiens loslating zij verlangden.  
 
Mar 15:7
 
Nu zat in de gevangenis zekere Barabbas, met andere oproermakers, die bij een oproer een moord begaan hadden.  
 
Mar 15:8
 
Toen de schare kwam opdagen en hem begon te vragen om te doen wat hij gewoonlijk voor hen deed,  
 
Mar 15:9
 
antwoordde Pilatus hun: Wilt gij dat ik u den koning der Joden loslate?  
 
Mar 15:10
 
Want hij wist wel dat de overpriesters hem uit haat overgeleverd hadden.  
 
Mar 15:11
 
De overpriesters stookten de schare op om liever de invrijheidstelling van Barabbas te vragen.  
 
Mar 15:12
 
En toen Pilatus hun wederom vroeg: wat moet ik dan doen met den man dien gij den koning der Joden noemt?  
 
Mar 15:13
 
schreeuwden zij: Kruisig hem!  
 
Mar 15:14
 
Pilatus zeide tot hen: Maar, wat voor kwaad heeft hij dan gedaan? Doch zij schreeuwden te luider: Kruisig hem!  
 
Mar 15:15
 
Toen stelde Pilatus om der schare ter wille te zijn, Barabbas voor hen in vrijheid en gaf hij Jezus, na hem te hebben doen geeselen, over om gekruisigd te worden.  
 
Mar 15:16
 
De soldaten voerden hem weg naar den hof, dat is naar het rechthuis, en riepen het gehele bataljon samen.  
 
Mar 15:17
 
Zij dosten hem in het purper uit, vlochten een doornenkroon, die zij hem opzetten,  
 
Mar 15:18
 
en gingen hem huldigen met een: Gegroet, koning der Joden!  
 
Mar 15:19
 
sloegen hem met een rietstok op het hoofd, bespuwden hem, bogen de knie en vielen voor hem neer.  
 
Mar 15:20
 
Nadat zij hem zo bespot hadden, deden zij hem het purperen kleed af en trokken hem zijn eigen klederen weer aan. Toen zij hem wegvoerden om gekruisigd te worden,  
 
Mar 15:21
 
presten zij een voorbijganger, zekeren Simon van Cyrene, die van het land kwam, den vader van Alexander en Rufus om zijn kruis te dragen.  
 
Mar 15:22
 
Zij voerden hem naar de plaats Golgotha, dat is, vertaald, Schedelplaats,  
 
Mar 15:23
 
en gaven hem met mirre gemengden wijn; maar hij nam dien niet aan.  
 
Mar 15:24
 
Toen kruisigden zij hem en verdeelden zijn klederen door er om te loten wat ieder krijgen zou.  
 
Mar 15:25
 
Het was de derde ure toen zij hem kruisigden.  
 
Mar 15:26
 
Het opschrift met de reden zijner veroordeling luidde: De koning der Joden.  
 
Mar 15:27
 
Met hem kruisigden zij twee rovers, een aan zijn rechter hand en een aan zijn linkerhand.  
 
Mar 15:28
 
 
 
Mar 15:29
 
En de voorbijgangers smaalden hem en zeiden hoofdschuddend: Ha, gij die den tempel afbreekt en in drie dagen opbouwt,  
 
Mar 15:30
 
verlos uzelf door van het kruis af te komen!  
 
Mar 15:31
 
Desgelijks dreven de overpriesters met de schriftgeleerden onder elkander den spot met hem: Anderen heeft hij verlost; zichzelf kan hij niet verlossen.  
 
Mar 15:32
 
De Christus, de koning Israels, kome nu van zijn kruis af; opdat wij het zien en gelovig worden! Ook zijn medekruiselingen hoonden hem.  
 
Mar 15:33
 
Toen het de zesde ure was, kwam een duisternis over de gehele aarde tot de negende toe,  
 
Mar 15:34
 
en te negen uur riep Jezus met luide stem: Eloi, Eloi, lama sabachtani! dat is, vertaald: Mijn God, mijn God, waartoe hebt Gij mij verlaten?  
 
Mar 15:35
 
En dit horend, zeiden sommige der omstanders: Zie, hij roept Elia!  
 
Mar 15:36
 
En een ging een spons in azijn dopen, stak ze op een rietstok, gaf hem te drinken en zeide: Wacht, laat ons zien of Elia hem komt afnemen.  
 
Mar 15:37
 
En Jezus slaakte een luiden kreet en blies den laatsten adem uit.  
 
Mar 15:38
 
Nu scheurde het voorhangsel van den tempel in tweeen, van boven tot beneden.  
 
Mar 15:39
 
En toen de hoofdman die tegenover hem op post stond zag dat hij zo gestorven was, zeide hij: Waarlijk, deze mens was een godszoon.  
 
Mar 15:40
 
Enige vrouwen zagen dit van verre aan, onder anderen Maria van Magdala, Maria, de moeder van Jacobus den kleine en Jozes, en Salome,  
 
Mar 15:41
 
die, toen hij in Galilea was, hem waren gevolgd en hadden gediend, met vele andere die met hem naar Jeruzalem waren opgegaan.  
 
Mar 15:42
 
Toen het reeds avond was geworden, kwam--omdat het Vrijdag, de dag voor den sabbat was--  
 
Mar 15:43
 
Jozef van Arimathea, een achtbaar lid van den Raad die zelf uitzag naar het Koninkrijk Gods, en waagde het naar Pilatus te gaan en hem om het lichaam van Jezus te verzoeken.  
 
Mar 15:44
 
Pilatus verwonderde zich dat hij reeds was gestorven. Daarom ontbood hij den hoofdman en vroeg hem of hij reeds lang dood was:  
 
Mar 15:45
 
en toen hij het van den hoofdman gehoord had, stond hij het lichaam aan Jozef af.  
 
Mar 15:46
 
Deze kocht een laken, nam hem van het kruis af, wikkelde hem in het laken, legde hem in een graf dat in een rots uitgehouwen was en wentelde een steen tegen de deur der grafstede.  
 
Mar 15:47
 
En Maria van Magdala en de Maria van Jozes zagen waar hij gelegd werd.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Matthew 1Mark 141 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 Mark 16Luke 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards