All NT OTBook
Compare Texts
Lamentations 1 Ezekiel 21

Ezekiel 22:1-31

Ezekiel 23 Daniel 1

Hollands LEI

 
 
 
Eze 22:1
 
Het woord des Heeren kwam aldus tot mij:  
 
Eze 22:2
 
Gij, menschenkind, wilt gij de bloedstad vonnissen? Verkondig haar dan al haar afschuwelijkheden  
 
Eze 22:3
 
en zeg: Zo spreekt de Heere God: Wee der stad die bloed in haar midden vergoot, opdat haar tijd kome! die schandgoden voor zich gemaakt heeft, waardoor zij verontreinigd is!  
 
Eze 22:4
 
Door het bloed dat gij vergoten hebt zijt gij schuldig geworden, door de schandgoden die gij gemaakt hebt verontreinigd. Zo hebt gij uw dag nadergebracht en uw tijd doen aanbreken. Daarom maak ik u tot een smaad voor de volken, tot een beschimping voor de landen;  
 
Eze 22:5
 
wie u nabij en wie ver van u zijn zullen schimpend u noemen: de bevlekte van naam, de grote in beroering.  
 
Eze 22:6
 
Zie, in u waren vorsten van Israel, die eigenmachtig bloed vergoten;  
 
Eze 22:7
 
in u hebben zij vader en moeder geminacht, in uw midden den vreemde geweld aangedaan, in u wezen en weduwen slecht behandeld.  
 
Eze 22:8
 
Mijn heilige dingen hebt gij geminacht; mijn sabbatten ontwijd.  
 
Eze 22:9
 
In u waren onruststokers, belust op bloedvergieten, en men at bij u op de bergen; in uw midden bedreef men ontucht;  
 
Eze 22:10
 
in u ontdekte men de schaamte des vaders, verkrachtte men een door haar maandstonden onreine;  
 
Eze 22:11
 
men deed afschuwelijke dingen met de vrouw van zijn naaste, verontreinigde door ontucht zijn schoondochter en verkrachtte zijn zuster, de dochter zijns vaders.  
 
Eze 22:12
 
In u nam men geschenken aan om bloed te vergieten; gij naamt rente en woeker en zettet uw naasten af door geweldenarij. En mij hebt gij vergeten, spreekt de Heere God.  
 
Eze 22:13
 
Zie, nu sla ik mijn hand aan het door u afgeperste en het door u in uw midden vergoten bloed.  
 
Eze 22:14
 
Zal dan uw hart standhouden, zullen uw handen sterk zijn tegen de dagen waarop ik met u ga afrekenen? Ik, de Heer, heb gesproken en zal het doen.  
 
Eze 22:15
 
Ik zal u verstrooien onder de volken, verspreiden in de landen, en zo de onreinheid uit u wegruimen  
 
Eze 22:16
 
waardoor ik ontwijd ben ten aanschouwen der volken. Zo zult gij weten dat ik de Heer ben.  
 
Eze 22:17
 
Het woord des Heeren kwam aldus tot mij:  
 
Eze 22:18
 
Menschenkind, het huis Israel is mij geworden als onedel metaal; altemaal zijn zij mij geworden als koper, tin, ijzer en lood in den zilveroven.  
 
Eze 22:19
 
Daarom spreekt de Heere God aldus: Omdat gij allen onedel bijmengsel zijt, ga ik u opeenhopen midden in Jeruzalem.  
 
Eze 22:20
 
Zoals men zilver met koper, ijzer, lood en tin opeenhoopt midden in een oven, om daarover een vuur aan te blazen, en het te smelten, zo zal ik in mijn toorn en gramschap u opeenhopen en smelten.  
 
Eze 22:21
 
Ja, ik zal u verzamelen en het vuur van mijn verbolgenheid over u aanblazen, en gij zult in haar midden gesmolten worden.  
 
Eze 22:22
 
Gelijk zilver in den oven, zult gij in haar midden gesmolten worden: Zo zult gij weten dat ik, de Heer, mijn gramschap over u heb uitgestort.  
 
Eze 22:23
 
Het woord des Heeren kwam aldus tot mij:  
 
Eze 22:24
 
Menschenkind, zeg tot haar: Gij zijt een land dat niet beregend en op den dag der grimmigheid niet door hemelwater gedrenkt is--  
 
Eze 22:25
 
daar het in zijn midden vorsten had aan een brullenden leeuw gelijk, die zijn prooi verscheurt: zij verslonden mensen, namen have en goed weg en maakten de weduwen in het midden des lands talrijk.  
 
Eze 22:26
 
Haar priesters verwrongen mijn wet en ontwijdden mijn heilige dingen: tussen het heilige en het gemene maakten zij geen onderscheid; tussen het reine en het onreine leerden zij geen verschil maken; zij sloten hun oog voor mijn sabbatten, en ik werd in hun midden ontwijd.  
 
Eze 22:27
 
Haar overheden waren in haar midden aan wolven die hun prooi verscheuren gelijk, in bloed vergieten en het te gronde richten van mensen, ten einde winst te maken.  
 
Eze 22:28
 
Haar profeten pleisterden voor hen met loze kalk, door valse gezichten te hebben en hun leugenachtige godsspraken te verkondigen, zeggend: Zo spreekt de Heere God! --terwijl de Heer niet gesproken had.  
 
Eze 22:29
 
Het volk des lands pleegde afpersing en roof, kwelde den nooddruftige en arme, behandelde den vreemde onrechtvaardig.  
 
Eze 22:30
 
Ik zocht onder hen een man die een muur bouwde en tegenover mij in de bres ging staan voor het land, opdat ik het niet verderven mocht; maar ik vond er geen.  
 
Eze 22:31
 
Dies stort ik mijn grimmigheid over hen uit, verteer hen met het vuur mijner verbolgenheid en doe hun wandel op hun hoofd neerkomen, spreekt de Heere God.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Lamentations 1Ezekiel 215 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 Ezekiel 23Daniel 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards