All NT OTBook
Compare Texts
Song of Solomon 1 Isaiah 13

Isaiah 14:1-32

Isaiah 15 Jeremiah 1

Hollands LEI

 
 
 
Isa 14:1
 
Want de Heer zal zich over Jakob erbarmen, Israel opnieuw verkiezen, hen op hun eigen grond doen wonen; en de vreemde zal zich bij hen aansluiten, zich voegen bij het huis Jakobs;  
 
Isa 14:2
 
volkeren zullen hen halen en in hun woonplaats brengen; en het huis Israel zal zich die toeeigenen, op 's Heeren grond als slaven en slavinnen; zij zullen wegvoeren wie hen wegvoerden, hun drijvers beheersen.  
 
Isa 14:3
 
En ten dage wanneer de Heer u rust heeft gegeven van uw moeiten en beroeringen en van de harde slavernij die u opgelegd was,  
 
Isa 14:4
 
zult gij dit lied op den koning van Babel aanheffen: Zo is het dan gedaan met den drijver, gedaan met den dwangdienst!  
 
Isa 14:5
 
De Heer heeft den stok der boosdoeners verbroken, de roede der heerschers,  
 
Isa 14:6
 
van hem die in verbolgenheid volken sloeg, een slaan zonder ophouden, die in toorn natien vertrad, een vertreden zonder verschoning.  
 
Isa 14:7
 
De ganse wereld heeft rust en vrede, zij barsten los in gejuich;  
 
Isa 14:8
 
ook de cypressen verheugen zich over u, de cederen van den Libanon: "Sedert gij neerligt klimt niet meer op een die ons omhouwt".  
 
Isa 14:9
 
Het dodenrijk beneden is om u onrustig geworden tegen uw aankomst, heeft om u de schimmen gewekt, alle belhamels der aarde; heeft van hun tronen doen opstaan alle koningen der natien.  
 
Isa 14:10
 
Zij allen heffen aan en zeggen tot u: Ook gij zijt krachteloos gemaakt als wij; aan ons gelijk geworden!  
 
Isa 14:11
 
Uw trots is neergestoten ten dodenrijk, het geruis uwer luiten; onder u zijn maden als leger gespreid, wormen zijn uw dek.  
 
Isa 14:12
 
Hoe zijt gij van den hemel gevallen, morgenster, dageraadszoon! hoe zijt gij ter aarde geveld, volkenvertrapper!  
 
Isa 14:13
 
En gij hadt bij uzelf gezegd: Ik wil ten hemel stijgen, hoog boven de starren Gods zetten mijn troon om plaats te nemen op den berg der samenkomst, diep in het noorden;  
 
Isa 14:14
 
ik wil stijgen op de wolkgevaarten, den Allerhoogste gelijken--.  
 
Isa 14:15
 
Wel zeker! ten dodenrijk wordt gij neergestoten, diep in de groeve.  
 
Isa 14:16
 
Zij die u zien staren u aan, letten op u: "Is dit nu de man die de aarde deed sidderen, koninkrijken in rep en roer bracht?  
 
Isa 14:17
 
die de wereld tot een woestijn maakte, haar steden vernielde, die zijn gevangenen niet losliet:  
 
Isa 14:18
 
altemaal koningen van natien". Zij allen zijn met ere ter ruste gegaan, ieder in zijn grafstede;  
 
Isa 14:19
 
maar gij zijt onbegraven weggeworpen, als een verafschuwde misgeboorte, overdekt met gedooden, met het zwaard doorboorden, met hen die in de groeve dalen, als een vertreden aas.  
 
Isa 14:20
 
Gij wordt niet met hen in het graf verenigd, omdat gij uw land verdorven, uw volk gedood hebt. Voor eeuwig worde het kroost der kwaaddoeners vergeten!  
 
Isa 14:21
 
Maakt voor zijn zonen een slachtbank gereed om de schuld hunner vaderen; nimmermeer zullen zij opstaan, de aarde in bezit nemen en de wereld vol puinhopen maken.  
 
Isa 14:22
 
Ik zal tegen hen opstaan, spreekt de Heer der heirscharen, uitroeien van Babel naam en overschot, geslacht en nakroost, spreekt de Heer;  
 
Isa 14:23
 
ik wil het maken tot een bezitting van reigers en tot waterpoelen; het wegbezemen met den bezem der verdelging, spreekt de Heer der heirscharen.  
 
Isa 14:24
 
De Heer der heirscharen heeft gezworen: Voorwaar, zoals ik gedacht heb, zo geschiedt het; wat ik heb besloten, dat komt tot stand:  
 
Isa 14:25
 
Ik zal Assur in mijn land verbreken, op mijn gebergte hem vertreden; dan wordt zijn juk van hen afgenomen, zijn last van hun schouder verwijderd.  
 
Isa 14:26
 
Dit is het besluit aangaande de gehele aarde; dit de hand, over alle natien uitgestrekt;  
 
Isa 14:27
 
want de Heer der heirscharen heeft een besluit genomen; wie zal het verijdelen? zijns is de uitgestrekte hand; wie zal haar keren?  
 
Isa 14:28
 
In het sterfjaar van koning Ahaz is deze godsspraak geschied:  
 
Isa 14:29
 
Verheug u niet, gij, gans Filistea! dat de roede die u sloeg gebroken is; want uit den wortel der slang schiet een adder uit, en haar vrucht zal een vliegende seraf zijn.  
 
Isa 14:30
 
Maar op mijn weiden zullen de behoeftigen grazen, de armen veilig nederliggen; terwijl ik door honger uw wortel dood, uw overschot om het leven breng.  
 
Isa 14:31
 
Weeklaag, gij, poort! schreeuw het uit, gij, stad! sta verbijsterd, gij, gans Filistea! want van het noorden komt de vijand als een rookwolk; geen afzwerver is onder zijn scharen.  
 
Isa 14:32
 
En wat zal men den boden der natie antwoorden? Dat de Heer Sion gegrondvest heeft, en de ellendigen zijns volks in haar een toevlucht zoeken.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Song of Solomon 1Isaiah 131 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 Isaiah 15Jeremiah 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards