All NT OTBook
Compare Texts
Genesis 1 Exodus 4

Exodus 5:1-23

Exodus 6 Leviticus 1

Hollands LEI

 
 
 
Exd 5:1
 
Daarna kwamen Mozes en Aaron bij Farao en zeiden tot hem: Zo spreekt de Heer, de god Israels: Laat mijn volk trekken, opdat het te mijner ere in de woestijn feestviere.  
 
Exd 5:2
 
Maar Farao zeide: Wie is die Heer, naar wien ik zou moeten horen, om Israel te laten trekken! Ik ken den Heer niet en laat Israel ook niet trekken.  
 
Exd 5:3
 
Toen zeiden zij: De god der Hebreen is ons ontmoet. Laat ons toch drie dagreizen de woestijn intrekken, om aan den Heer, onzen god, te offeren; opdat hij ons niet treffe met pest of zwaard.  
 
Exd 5:4
 
Maar de koning van Egypte zeide tot hen: Waarom houdt gij, Mozes en Aaron, het volk van zijn werk af? Gaat aan uw arbeid!  
 
Exd 5:5
 
En Farao zeide: Zie, zij zijn nu reeds talrijker dan de bevolking des lands, en gij zoudt hun rust van hun arbeid geven?  
 
Exd 5:6
 
Zo beval Farao tenzelfden dage den drijvers en ambtlieden des volks:  
 
Exd 5:7
 
Gij zult voortaan aan het volk geen stro meer geven, om daarmede tichels te maken, zoals gisteren en eergisteren; laten zij voor zichzelf stro gaan opzamelen.  
 
Exd 5:8
 
Maar legt hun op dezelfde hoeveelheid tichelsteenen te maken als gisteren en eergisteren; vermindert die niet. Want zij zijn traag; daarom schreeuwen zij: Laat ons toch aan onzen god gaan offeren!  
 
Exd 5:9
 
Dat dus de arbeid die mannen zwaar drukke; zodat zij daarop letten en niet op leugentaal.  
 
Exd 5:10
 
Dientengevolge gingen de drijvers en ambtlieden van het volk uit en zeiden tot het volk: Zo spreekt Farao: Ik geef u geen stro meer;  
 
Exd 5:11
 
gaat zelf voor u stro halen, waar gij het vinden kunt; maar uw taak wordt volstrekt niet verminderd.  
 
Exd 5:12
 
Toen verstrooide zich het volk in geheel Egypteland, om stoppels op te zamelen die voor stro konden dienen,  
 
Exd 5:13
 
terwijl de drijvers bleven aandringen: Levert het volle werk, zoals voor elken dag is voorgeschreven, evenals toen er stro was.  
 
Exd 5:14
 
Ook werden de ambtlieden die door de drijvers van Farao over de Israelieten waren gesteld geslagen, met de woorden: Waarom zorgt gij niet dat het u voorgeschreven aantal tichelsteenen gemaakt wordt? Zoals gisteren en eergisteren moet het ook nu gaan.  
 
Exd 5:15
 
Toen gingen de Israelietische ambtlieden tot Farao en jammerden: Waarom behandelt gij uw dienaren zo?  
 
Exd 5:16
 
Stro wordt uw dienaren niet meer gegeven, en toch zegt men ons: Maakt tichelsteenen! Uw dienaren worden geslagen door de schuld van uw volk.  
 
Exd 5:17
 
Maar hij zeide: Traag zijt gij, traag. Daarom zegt gij: Laat ons aan den Heer gaan offeren.  
 
Exd 5:18
 
Voort dus, aan den arbeid! Stro wordt u niet verstrekt; maar gij moet dezelfde hoeveelheid tichelsteenen leveren.  
 
Exd 5:19
 
Zo zagen de ambtlieden der Israelieten dat het slecht met hen stond, omdat men hun zeide: Gij zult niet minder tichelsteenen leveren, maar het voor elken dag voorgeschreven aantal--  
 
Exd 5:20
 
en toen zij Mozes en Aaron aantroffen, die waren gaan staan om hen te ontmoeten wanneer zij van Farao kwamen,  
 
Exd 5:21
 
zeiden zij hun: De Heer lette op u, om u te vonnissen, daar gij ons in kwaden reuk hebt gebracht bij Farao en zijn dienaren; zodat gij hem een zwaard in de hand hebt gegeven, om ons te doden.  
 
Exd 5:22
 
En Mozes, tot den Heer teruggekeerd, zeide: Heer, waarom hebt gij dit volk zo slecht behandeld? waarom hebt gij mij toch gezonden?  
 
Exd 5:23
 
Want sedert ik tot Farao gegaan ben, om in uw naam te spreken, heeft hij dit volk mishandeld, en verlost hebt gij uw volk niet.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Genesis 1Exodus 41 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 Exodus 6Leviticus 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards