All NT OTBook
Compare Texts
Genesis 1 Exodus 3

Exodus 4:1-31

Exodus 5 Leviticus 1

Hollands LEI

 
 
 
Exd 4:1
 
Toen antwoordde Mozes en zeide: Maar gesteld, zij geloven mij niet en luisteren niet naar mij, omdat zij denken: De Heer is u niet verschenen--wat moet ik hun dan zeggen?  
 
Exd 4:2
 
Hierop zeide de Heer tot hem: Wat hebt gij in uw hand? Hij zeide: Een staf.  
 
Exd 4:3
 
Hij sprak: Werp dien op den grond. Toen wierp hij hem op den grond, en hij werd een slang. Mozes ging er voor op de vlucht;  
 
Exd 4:4
 
maar de Heer zeide tot Mozes: Strek uw hand uit en vat haar bij den staart. En toen hij zijn hand uitstrekte en haar bij den staart vatte, werd zij een staf in zijn hand  
 
Exd 4:5
 
--opdat zij geloven dat de Heer, de god hunner vaderen, de god van Abraham, Izaak en Jakob, u verschenen is.  
 
Exd 4:6
 
Opnieuw sprak de Heer tot hem: Steek uw hand in uw boezem--en toen hij zijn hand in zijn boezem gestoken had en haar er uittrok, daar was zijn hand melaats als sneeuw!  
 
Exd 4:7
 
Toen zeide hij: Steek uw hand weder in uw boezem--en toen hij zijn hand weer in zijn boezem gestoken had en haar er uittrok, daar was zij weder aan het overige van zijn lichaam gelijk geworden!  
 
Exd 4:8
 
Indien zij u niet geloven en niet gehoor geven aan het eerste teken, dan zullen zij aan het tweede gehoor geven.  
 
Exd 4:9
 
En indien zij zelfs deze twee tekenen niet geloven noch u gehoor geven, neem dan Nijlwater en giet het op het droge; dan zal het water dat gij uit den Nijl naamt bloed worden op het droge.  
 
Exd 4:10
 
Maar Mozes zeide tot den Heer: Och Heer, ik ben geen welbespraakt man; dat ben ik gisteren en eergisteren niet geweest, noch ook sedert gij tot uw dienaar gesproken hebt; want ik ben zwaar van mond en tong.  
 
Exd 4:11
 
Toen sprak de Heer tot hem: Wie heeft een mond aan den mens gegeven? wie maakt iemand stom of doof, ziende of blind? Doe ik, de Heer, dit niet?  
 
Exd 4:12
 
Dus, ga: ikzelf zal uw mond bijstaan en u leren wat gij te spreken hebt.  
 
Exd 4:13
 
Doch hij zeide: Och Heer, neem toch een ander tot uw gezant!  
 
Exd 4:14
 
Toen ontstak de Heer in toorn tegen Mozes en zeide: Uw broeder Aaron is immers de Leviet? Hij, weet ik, kan wel spreken; reeds gaat hij het land uit, u tegemoet, en wanneer hij u ziet, zal hij zich innig verheugen.  
 
Exd 4:15
 
Gij moet tot hem spreken en hem de woorden in den mond geven; ik zal uw en zijn mond bijstaan en u beiden leren wat gij doen moet.  
 
Exd 4:16
 
Dan zal hij voor u tot het volk spreken; zodat hij u ten mond verstrekken zal en gij hem ten god zult zijn.  
 
Exd 4:17
 
Neem dezen staf, waarmede gij de tekenen doen zult, in de hand.  
 
Exd 4:18
 
Toen Mozes bij zijn schoonvader Jethro teruggekeerd was, zeide hij tot hem: Laat mij toch heengaan en wederkeren tot mijn broeders in Egypte, om te zien of zij nog leven. Waarop Jethro tot Mozes zeide: Ga in vrede!  
 
Exd 4:19
 
De Heer sprak tot Mozes in Midian: Ga heen, keer naar Egypte terug; want alle mannen die u naar het leven stonden zijn gestorven.  
 
Exd 4:20
 
Toen nam Mozes zijn vrouw met zijn zoon, deed hen op den ezel rijden en keerde naar Egypteland terug. En Mozes nam den staf Gods in zijn hand.  
 
Exd 4:21
 
Toen zeide de Heer tot Mozes: Nu gij heengaat om naar Egypte terug te keren, zie toe dat gij al de wonderen waartoe ik u in staat gesteld heb ten aanschouwen van Farao verricht; maar ikzelf zal zijn hart verstokken, zodat hij het volk niet laat trekken.  
 
Exd 4:22
 
Zeg dan tot Farao: Zo spreekt de Heer: Mijn eerstgeboren zoon is Israel;  
 
Exd 4:23
 
ik zeg u, mijn zoon te laten trekken, opdat hij mij diene. Weigert gij hem te laten trekken, dan dood ik uw eerstgeboren zoon.  
 
Exd 4:24
 
Op weg nu, in de herberg, kwam de Heer hem tegen en trachtte hem te doden.  
 
Exd 4:25
 
Maar Sippora nam een steen en sneed de voorhuid van haar zoon af; zij raakte daarmede zijn voeten aan en zeide: Een bloedbruidegom zijt gij mij.  
 
Exd 4:26
 
Nu liet de Heer van hem af. Toen heeft zij gezegd: Een bloedbruidegom--met het oog op de besnijdenis.  
 
Exd 4:27
 
De Heer zeide tot Aaron: Ga Mozes tegemoet in de woestijn. En hij ging, kwam hem bij den berg Gods tegen en kuste hem.  
 
Exd 4:28
 
Mozes deelde aan Aaron alle woorden mede die de Heer hem opgedragen had te spreken, en de tekenen die hij hem bevolen had te verrichten.  
 
Exd 4:29
 
Daarop gingen Mozes en Aaron heen en verzamelden al de oudsten der Israelieten;  
 
Exd 4:30
 
en Aaron sprak al de woorden die de Heer tot Mozes gesproken had, en deed de tekenen ten aanschouwen des volks.  
 
Exd 4:31
 
Het volk nu geloofde; en toen zij hoorden dat de Heer de Israelieten gadegeslagen en hun ellende aangezien had, bogen zij zich en wierpen zij zich neder.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Genesis 1Exodus 31 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 Exodus 5Leviticus 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards