All NT OTBook
Compare Texts
Genesis 1 Exodus 18

Exodus 19:1-25

Exodus 20 Leviticus 1

Hollands LEI

 
 
 
Exd 19:1
 
Daarna liet Mozes zijn schoonvader gaan, en ging deze naar zijn land.  
 
Exd 19:2
 
Zij braken op van Rafidim, kwamen in de woestijn van den Sinai en legerden zich in de woestijn; Israel legerde zich aldaar tegenover den berg,  
 
Exd 19:3
 
en Mozes klom op tot God. Toen riep de Heer tot hem van den berg: Zo moet gij aan het huis Jakobs zeggen en aan de Israelieten mededelen:  
 
Exd 19:4
 
Gij hebt zelf gezien wat ik den Egyptenaren gedaan heb, en dat ik u op arendsvleugelen opgenomen en tot mij gebracht heb.  
 
Exd 19:5
 
Welnu, indien gij terdege naar mij luistert en mijn verbond in acht neemt, zult gij uit alle volkeren mij ten eigendom zijn; want mij behoort de ganse aarde.  
 
Exd 19:6
 
Zo zult gij mij een koninkrijk van priesters en een heilige natie zijn. Dit zijn de woorden die gij tot de Israelieten spreken moet.  
 
Exd 19:7
 
Toen kwam Mozes, ontbood de oudsten des volks en legde hun al die woorden voor die de Heer hem bevolen had.  
 
Exd 19:8
 
En het gehele volk antwoordde eenstemmig: Alwat de Heer gesproken heeft zullen wij doen. Waarop Mozes de woorden des volks aan den Heer overbracht.  
 
Exd 19:9
 
En de Heer zeide tot Mozes: Zie ik kom tot u in een dichte wolk; opdat het volk mij tot u hore spreken en ook in u voor altijd gelove. Toen deelde Mozes de woorden des volks aan den Heer mede;  
 
Exd 19:10
 
waarop de Heer tot Mozes zeide: Ga tot het volk en heilig hen heden en morgen; zij moeten hun klederen wassen  
 
Exd 19:11
 
en tegen den derden dag bereid zijn; want ten derden dage zal de Heer, ten aanschouwen van het ganse volk, op den berg Sinai nederdalen.  
 
Exd 19:12
 
Ook moet gij het volk aan alle kanten van den berg afhouden, zeggende: Wacht u den berg te beklimmen, zelfs den voet er van aan te raken; alwie den berg aanraakt zal zeker ter dood gebracht worden.  
 
Exd 19:13
 
Geen hand mag hem aanraken, want hij moet gestenigd of met pijlen doorschoten worden; hetzij dier, hetzij mens, in het leven blijven mag hij niet. Wanneer op den ramshoorn geblazen wordt, mogen zij den berg beklimmen.  
 
Exd 19:14
 
Toen daalde Mozes van den berg af tot het volk en heiligde het, en zij wiessen hun klederen.  
 
Exd 19:15
 
En hij zeide tot het volk: Weest bereid tot over drie dagen; nadert niet tot een vrouw.  
 
Exd 19:16
 
En op den derden dag, toen het morgen werd, waren er donderslagen, bliksemstralen en zware wolken op den berg, en een zeer sterk bazuingeschal; zodat het ganse volk dat in de legerplaats was ontstelde.  
 
Exd 19:17
 
Maar Mozes leidde het volk de legerplaats uit, God tegemoet, en zij schaarden zich aan den voet van den berg.  
 
Exd 19:18
 
De berg Sinai nu rookte geheel en al, omdat de Heer in vuur daarop nedergedaald was; zijn rook steeg op als die van een smeltoven, en de gehele berg trilde zeer.  
 
Exd 19:19
 
Steeds sterker werd het bazuingeschal, terwijl Mozes sprak en God hem met luider stem antwoordde.  
 
Exd 19:20
 
De Heer nu daalde op den berg Sinai, op den top des bergs, neder en riep Mozes naar den top des bergs; waarop Mozes dien beklom.  
 
Exd 19:21
 
Toen zeide de Heer tot Mozes: Daal af, vermaan het volk nadrukkelijk dat zij toch niet doordringen naar den Heer om hem te zien; want velen van hen zouden vallen.  
 
Exd 19:22
 
Ook moeten de priesters die tot den Heer naderen zich heiligen; opdat de Heer niet onder hen een slachting aanrichte.  
 
Exd 19:23
 
Hierop zeide Mozes tot den Heer: Het volk kan den berg Sinai niet beklimmen; want gijzelf hebt ons nadrukkelijk vermaand: houdt u van den berg af als van heiligen grond.  
 
Exd 19:24
 
Maar de Heer zeide tot hem: Ga, daal af, en klim dan zelf met Aaron en de priesters op; maar laat het volk niet doordringen om tot den Heer op te stijgen; opdat hij geen slachting onder hen aanrichte.  
 
Exd 19:25
 
En Mozes daalde af tot het volk en zeide het hun.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Genesis 1Exodus 182 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 Exodus 20Leviticus 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards