All NT OTBook
Compare Texts
Job 1 Psalms 21

Psalms 22:1-31

Psalms 23 Proverbs 1

Hollands LEI

 
 
 
Psa 22:1
 
Voor den orkestmeester. Op de wijze van "De hinde des dageraads." Een psalm van David. (22-2) Mijn God, mijn God, waarom hebt gij mij verlaten? Ver van mijn hulp blijven de woorden mijner jammerklacht.  
 
Psa 22:2
 
(22-3) Mijn God, ik roep des daags, maar gij antwoordt niet, des nachts, maar ik kom niet tot rust.  
 
Psa 22:3
 
(22-4) Toch zijt gij de Heilige, zetelend op Israels lofzangen.  
 
Psa 22:4
 
(22-5) Op u hebben onze vaderen vertrouwd; zij hebben vertrouwd, en gij hebt hen verlost.  
 
Psa 22:5
 
(22-6) Tot u riepen zij, en zij ontkwamen; zij hebben op u vertrouwd en werden niet beschaamd.  
 
Psa 22:6
 
(22-7) Doch ik ben een worm en geen man, gehoond door de mensen, veracht van het volk.  
 
Psa 22:7
 
(22-8) Alwie mij zien drijven den spot met mij, krullen de lippen, schudden het hoofd:  
 
Psa 22:8
 
(22-9) De Heer is zijn losser, die geve hem uitkomst, die verlosse hem; hij heeft immers een welgevallen in hem.  
 
Psa 22:9
 
(22-10) Gij zijt mijn beschermer van mijn geboorte af, die mij vertrouwend deedt liggen aan de borst mijner moeder.  
 
Psa 22:10
 
(22-11) U was ik aanbetrouwd van de geboorte her, van den schoot mijner moeder af zijt gij mijn God.  
 
Psa 22:11
 
(22-12) Wees niet ver van mij, want de nood is nabij, en er is geen helper.  
 
Psa 22:12
 
(22-13) Vele varren hebben mij omsingeld, stieren van Bazan omringen mij;  
 
Psa 22:13
 
(22-14) zij sperren den mond tegen mij op, als een verscheurende, brullende leeuw.  
 
Psa 22:14
 
(22-15) Als water ben ik uitgestort, al mijn beenderen zijn ontwricht, mijn hart is aan was gelijk, is gesmolten in mijn binnenste.  
 
Psa 22:15
 
(22-16) Droog als een scherf is mijn gehemelte, mijn tong kleeft vast in mijn mond; gij strekt mij uit in het stof des doods.  
 
Psa 22:16
 
(22-17) Want honden hebben mij omsingeld, een bende boosdoeners houdt mij ingesloten, zij hebben mijn handen en voeten belemmerd.  
 
Psa 22:17
 
(22-18) Ik kan al mijn beenderen tellen; zij zien toe, gluren mij aan;  
 
Psa 22:18
 
(22-19) zij verdelen mijn klederen onder elkander, werpen het lot over mijn gewaad.  
 
Psa 22:19
 
(22-20) Wees gij dan, Heer, niet verre! haast u, mijn steun, mij ter hulpe!  
 
Psa 22:20
 
(22-21) Bevrijd mijn leven van het zwaard, het enige dat ik heb uit der honden macht.  
 
Psa 22:21
 
(22-22) Red mij uit den muil der leeuwen, mij arme van de hoornen der woudossen.  
 
Psa 22:22
 
(22-23) Laat mij uw naam aan mijn broeders verkondigen, te midden der gemeente u prijzen.  
 
Psa 22:23
 
(22-24) Gij die den Heer vreest prijst hem, verheerlijkt allen hem, zaad Jakobs, weest allen voor hem beducht, zaad Israels.  
 
Psa 22:24
 
(22-25) Hij toch heeft veracht noch verfoeid de ellende des ellendigen, zijn aangezicht voor hem niet verborgen, maar naar hem gehoord, toen hij tot hem kreet.  
 
Psa 22:25
 
(22-26) Gij legt mij het danklied in de talrijke vergadering op de lippen, mijn geloften wil ik betalen ten aanschouwen van wie hem vrezen.  
 
Psa 22:26
 
(22-27) De deemoedigen zullen eten en verzadigd worden, zij die den Heer zoeken zullen hem loven, hun hart zal opleven voor altijd.  
 
Psa 22:27
 
(22-28) Alle einden der aarde zullen het gedenken en zich keren tot den Heer, alle geslachten der volken zich neerwerpen voor zijn aangezicht;  
 
Psa 22:28
 
(22-29) want aan den Heer behoort het koningsschap, hij is heerscher over de volken.  
 
Psa 22:29
 
(22-30) Voor hem alleen zullen zich neerwerpen alle welgedanen der aarde, voor zijn aangezicht zich krommen allen die nederdalen in het stof; maar mijn ziel is levend voor hem,  
 
Psa 22:30
 
(22-31) mijn kroost zal hem dienen; men zal van den Heer gewagen aan het komende geslacht,  
 
Psa 22:31
 
(22-32) zijn gerechtigheid verkondigen aan het volk dat geboren wordt; want hij heeft het gedaan.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Job 1Psalms 215 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 Psalms 23Proverbs 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards