| |
Hollands LEI |  | |
 |
| |
| | Psa 126:1 | Een bedevaartslied. Als de Heer het lot van Sion wendde, was het ons als droomden wij.
| |
| | Psa 126:2 | Toen werd onze mond vervuld van lachen, onze tong van gejubel; toen zeide men onder de natien: De Heer heeft aan dezen een groot werk gedaan.
| |
| | Psa 126:3 | Ja, de Heer had een groot werk aan ons gedaan; wij waren verblijd.
| |
| | Psa 126:4 | Wend ons lot, Heer, als waterbeddingen in het zuiden.
| |
| | Psa 126:5 | Wie onder tranen zaaien zullen oogsten onder gejubel;
| |
| | Psa 126:6 | al wenend gaat hij daarheen, het zaaikoorn dragend, jubelend keert hij huiswaarts, dragend zijn garven.
| |