All NT OTBook
Compare Texts
Job 1 Psalms 118

Psalms 119:1-175

Psalms 120 Proverbs 1

Hollands LEI

 
 
 
Psa 119:1
 
Gelukkig zij die onberispelijk zijn van wandel, die treden in 's Heeren wet.  
 
Psa 119:2
 
Gelukkig zij die zijn voorschriften inachtnemen, van ganser harte naar hem vragen;  
 
Psa 119:3
 
die ook geen onrecht pleegden, op zijn wegen traden.  
 
Psa 119:4
 
Gij hebt uw bevelen gegeven, opdat men ze vlijtig onderhoude.  
 
Psa 119:5
 
Och of mijn wandel vast zij in het onderhouden van uw inzettingen;  
 
Psa 119:6
 
dan word ik niet te schande, als ik het oog houd op al uw geboden.  
 
Psa 119:7
 
Ik zal met een oprecht hart u loven, als ik uw gerechte verordeningen leer kennen.  
 
Psa 119:8
 
Uw inzettingen wil ik onderhouden; verlaat mij niet geheel en al.  
 
Psa 119:9
 
Waarmee zal de jongeling zijn pad rein houden? Door op te letten volgens uw woord.  
 
Psa 119:10
 
Met geheel mijn hart vraag ik naar u; laat mij niet afdwalen van uw geboden.  
 
Psa 119:11
 
Ik berg uw eis in mijn hart; opdat ik niet tegen u zondige.  
 
Psa 119:12
 
Geloofd zijt gij, Heer! leer mij uw inzettingen.  
 
Psa 119:13
 
Met mijn lippen tel ik op al de verordeningen van uw mond;  
 
Psa 119:14
 
in den weg uwer voorschriften verheug ik mij, als over rijkdommen, welke ook.  
 
Psa 119:15
 
Uw bevelen wil ik overpeinzen en het oog houden op uw paden;  
 
Psa 119:16
 
aan uw inzettingen zal ik mij verkwikken, uw woord zal ik niet vergeten.  
 
Psa 119:17
 
Schenk uw knecht het voorrecht te leven; opdat ik uw woord onderhoude.  
 
Psa 119:18
 
Neem het bedeksel weg van voor mijn ogen; opdat ik wonderen zie in uw wet.  
 
Psa 119:19
 
Een vreemde ben ik op aarde; verberg voor mij uw wetten niet.  
 
Psa 119:20
 
Mijn ziel wordt verteerd van verlangen naar uw verordeningen te allen tijd.  
 
Psa 119:21
 
Gij bestraft vervloekte overmoedigen, die afdwalen van uw geboden;  
 
Psa 119:22
 
onthef mij van smaad en verachting; want ik neem uw voorschriften in acht.  
 
Psa 119:23
 
Al zitten vorsten bijeen en beraadslagen tegen mij, uw dienstknecht overpeinst uw inzettingen;  
 
Psa 119:24
 
ja, uw voorschriften zijn mij een verkwikking, uw bevelen mijn raadgevers.  
 
Psa 119:25
 
Mijn ziel kleeft aan het stof; schenk mij leven naar uw woord;  
 
Psa 119:26
 
ik heb mijn wandel blootgelegd, en gij hebt mij verhoord; leer mij uw inzettingen,  
 
Psa 119:27
 
geef mij inzicht in den weg uwer bevelen; opdat ik uw wonderen overpeinze.  
 
Psa 119:28
 
Mijn ziel schreit van weemoed; richt mij op, naar uw woord.  
 
Psa 119:29
 
Doe den weg der leugen ver van mij zijn, en begenadig mij met uw wet;  
 
Psa 119:30
 
den weg der trouw heb ik gekozen, uw verordeningen heb ik voor mij gesteld;  
 
Psa 119:31
 
ik ben gehecht aan uw voorschriften; Heer, maak mij niet te schande!  
 
Psa 119:32
 
Den weg uwer geboden wil ik lopen; want gij verruimt mij het hart.  
 
Psa 119:33
 
Onderricht mij, Heer, in den weg uwer inzettingen, opdat ik dien houde ten einde toe;  
 
Psa 119:34
 
geef mij doorzicht, opdat ik uw wet inachtneme, ze onderhoude van ganser harte;  
 
Psa 119:35
 
doe mij het pad uwer geboden betreden; want daarin heb ik lust.  
 
Psa 119:36
 
Neig mijn hart naar uw voorschriften, en niet naar vuig gewin;  
 
Psa 119:37
 
maak dat mijn ogen niet naar het ijdele zien; schenk mij leven op uw wegen.  
 
Psa 119:38
 
Doe jegens uw dienstknecht uw belofte gestand, die verbonden is aan de vrees voor u;  
 
Psa 119:39
 
doe voorbijgaan den smaad dien ik ducht; want goed zijn uw verordeningen.  
 
Psa 119:40
 
Zie, ik heb een verlangen naar uw bevelen; schenk mij leven door uw gerechtigheid.  
 
Psa 119:41
 
Ook mogen uw gunstbewijzen, Heer, mij ten deel vallen, uw heil, naar uw belofte;  
 
Psa 119:42
 
opdat ik hem die mij hoont tewoordsta; want op uw woord vertrouw ik.  
 
Psa 119:43
 
En onttrek het woord der waarheid niet gans en al aan mijn mond; want ik verbeid uw gericht.  
 
Psa 119:44
 
Ook wil ik uw wet steeds onderhouden, voor eeuwig en altijd;  
 
Psa 119:45
 
opdat ik wandele op een ruime plaats; want ik vraag naar uw bevelen.  
 
Psa 119:46
 
Ik wil voor koningen van uw voorschriften spreken, zonder mij te schamen.  
 
Psa 119:47
 
En ik verkwik mij aan uw geboden, die ik liefheb,  
 
Psa 119:48
 
en hef mijn handen tot uw geboden op, en overpeins uw inzettingen.  
 
Psa 119:49
 
Gedenk het woord, tot uw dienstknecht gesproken; daar gij mij hoop gegeven hebt.  
 
Psa 119:50
 
Dit is mijn troost in mijn ellende, dat uw belofte mij leven schenkt.  
 
Psa 119:51
 
Dit is mijn troost in mijn ellende, dat uw belofte mij leven schenkt.  
 
Psa 119:52
 
Overmoedigen hebben zeer den spot met mij gedreven; van uw wet week ik niet af.  
 
Psa 119:53
 
Ik denk aan uw gerichten van ouds, en ik troost mij, Heer.  
 
Psa 119:54
 
Toorngloed greep mij aan vanwege de bozen, vanwege hen die uw wet laten varen.  
 
Psa 119:55
 
Uw inzettingen geven mij stof tot roemen met stem en snaren, waar ik ook verkeer;  
 
Psa 119:56
 
ik gedenk des nachts uw naam, Heer, en onderhoud uw wet.  
 
Psa 119:57
 
Dit is mij ten deel gevallen omdat ik uw bevelen inachtnam.  
 
Psa 119:58
 
Mijn deel is de Heer, ik heb beloofd uw woorden te onderhouden;  
 
Psa 119:60
 
van ganser harte zoek ik u te vermurwen; ontferm u mijner, naar uw belofte.  
 
Psa 119:61
 
Ik overwoog welken weg ik gaan zou, en stierde mijn voeten naar uw voorschriften heen;  
 
Psa 119:62
 
ik spoedde mij zonder talmen tot het onderhouden van uw geboden.  
 
Psa 119:63
 
Al omgeven mij strikken van bozen, uw wet vergeet ik niet;  
 
Psa 119:64
 
te middernacht sta ik op om u te loven voor uw gerechte verordeningen;  
 
Psa 119:65
 
ik ben een medestander van allen die u vrezen en uw bevelen onderhouden.  
 
Psa 119:66
 
Van uw goedertierenheid, Heer, is de aarde vol; leer mij uw inzettingen.  
 
Psa 119:67
 
Gij hebt uw dienstknecht welgedaan, Heer, naar uw woord.  
 
Psa 119:68
 
Leer mij met juistheid oordelen en verstaan; want ik vertrouw op uw geboden.  
 
Psa 119:69
 
Voordat ik in den druk kwam dwaalde ik, maar nu onderhoud ik uw eis.  
 
Psa 119:70
 
Gij zijt goed en goeddoende; leer mij uw inzettingen.  
 
Psa 119:71
 
Overmoedigen hebben mij leugens aangewreven; ik neem van ganser hart uw bevelen in acht.  
 
Psa 119:72
 
Stomp is hun hart, als een van vet; ik verkwik mij aan uw gebod.  
 
Psa 119:73
 
Het is mij goed, dat ik verdrukt ben geweest; opdat ik uw inzettingen leerde.  
 
Psa 119:74
 
De wet van uw mond is mij kostbaarder dan duizenden goud stukken en zilverstukken.  
 
Psa 119:75
 
Uw handen hebben mij gemaakt en vastgesteld; geef mij doorzicht, opdat ik uw geboden lere.  
 
Psa 119:76
 
Zij, die u vrezen, zullen, mij ziende, zich verblijden; want uw woord verbeid ik.  
 
Psa 119:77
 
Ik weet, Heer, dat uw vonnissen gerecht zijn, en dat gij in trouw mij verdrukt hebt.  
 
Psa 119:78
 
Strekke toch uw goedertierenheid om mij te vertroosten, naar uw belofte, aan uw dienstknecht gedaan.  
 
Psa 119:79
 
Worde uw erbarmen mijn deel, opdat ik leve; want uw wet is mij een verkwikking.  
 
Psa 119:80
 
Dat de overmoedigen te schande worden, daar zij mij vals hebben verdrukt; ik wil overpeinzen uw bevelen.  
 
Psa 119:81
 
Dat zich tot mij wenden zij die u vrezen en uw voorschriften kennen.  
 
Psa 119:82
 
Zij mijn hart onberispelijk in uw inzettingen; opdat ik niet te schande worde.  
 
Psa 119:83
 
Mijn ziel smacht naar uw heil, uw woord verbeid ik;  
 
Psa 119:84
 
mijn ogen zien smekend uit naar uw belofte en vragen: Wanneer zult gij mij troosten?  
 
Psa 119:85
 
Want al ben ik geworden als een zak in den rook, uw inzettingen vergat ik niet.  
 
Psa 119:86
 
Hoeveel zijn de levensdagen van uw dienstknecht? Wanneer voltrekt gij het vonnis aan mijn vervolgers?  
 
Psa 119:87
 
Overmoedigen hebben voor mij kuilen gedolven, mensen die niet leven naar uw wet.  
 
Psa 119:88
 
Al uw geboden zijn waarheid. Onverdiend vervolgen zij mij. Help mij!  
 
Psa 119:89
 
Bijna hadden zij mij op aarde vernietigd, en toch had ik uw bevelen niet verzaakt.  
 
Psa 119:90
 
Schenk mij leven, naar uw goedertierenheid; opdat ik onderhoude de geboden van uw mond.  
 
Psa 119:91
 
Voor eeuwig, Heer, staat uw woord vast in den hemel;  
 
Psa 119:92
 
uw trouw duurt van geslacht tot geslacht; gij hebt de aarde op haar plaats gezet, en zij blijft staan;  
 
Psa 119:93
 
naar uw verordeningen bestaat zij nog heden; want alles is u dienstbaar.  
 
Psa 119:94
 
Ware uw wet niet mijn verkwikking geweest, dan was ik te gronde gegaan in mijn ellende.  
 
Psa 119:95
 
Nooit ofte nimmer zal ik uw bevelen vergeten; want daardoor schenkt gij mij leven.  
 
Psa 119:96
 
Aan u behoor ik; red mij! want ik vraag naar uw bevelen.  
 
Psa 119:97
 
De bozen wachten mij op om mij om te brengen; ik zal acht geven op uw voorschriften.  
 
Psa 119:98
 
Aan elke zaak heb ik een einde gezien, maar uw gebod is onbegrensd.  
 
Psa 119:99
 
Hoe lief heb ik uw wet! Den gansen dag is zij het voorwerp mijner overpeinzing.  
 
Psa 119:100
 
Uw geboden maken mij wijzer dan mijn vijanden; want voor eeuwig zijn zij de mijne;  
 
Psa 119:101
 
ik heb meer verstand dan al mijn leermeesters; want uw voorschriften zijn mij een voorwerp van overpeinzing;  
 
Psa 119:102
 
ik heb meer inzicht dan de ouden; want ik neem uw bevelen in acht.  
 
Psa 119:103
 
Van elk verkeerd pad hield ik mijn voeten terug om uw woord te onderhouden;  
 
Psa 119:104
 
van uw verordeningen week ik niet af; want gij onderrichttet mij.  
 
Psa 119:105
 
Hoe strelend voor mijn gehemelte zijn uw beloften, strelender dan honing voor mijn mond.  
 
Psa 119:106
 
Door uw bevelen krijg ik inzicht; dus haat ik ieder leugenpad.  
 
Psa 119:107
 
Uw woord is mij een lamp voor mijn voet en een licht op mijn weg.  
 
Psa 119:108
 
Ik zwoer en deed mijn eed gestand, dat ik uw gerechte verordeningen zou onderhouden.  
 
Psa 119:109
 
Ik ben in zeer groten druk; Heer, schenk mij leven naar uw woord.  
 
Psa 119:110
 
Laten u, Heer, de vrijwillige offers van mijn mond gevallen, en leer mij uw verordeningen.  
 
Psa 119:111
 
Voortdurend stond mijn leven op het spel maar ik heb uw wet niet vergeten;  
 
Psa 119:112
 
bozen spreidden voor mij een strik, maar ik dwaalde van uw bevelen niet af.  
 
Psa 119:113
 
Ik heb voor eeuwig uw voorschriften ten erfdeel gekregen; zij zijn toch de vreugde van mijn hart.  
 
Psa 119:114
 
Ik neigde mijn hart tot het betrachten uwer inzettingen, voor altijd, ten einde toe.  
 
Psa 119:115
 
Weifelaars haat ik, maar uw wet heb ik lief,  
 
Psa 119:116
 
Mijn schuts en schild zijt gij; uw woord verbeid ik.  
 
Psa 119:117
 
Wijkt van mij, boosdoeners; opdat ik inachtneme de geboden mijns Gods.  
 
Psa 119:118
 
Ondersteun mij, naar uw belofte, opdat ik leve, en laat mij aan mijn verwachting niet te schande worden.  
 
Psa 119:119
 
Schraag mij, opdat ik gered worde; zo zal ik mij steeds aan uw inzettingen verkwikken.  
 
Psa 119:120
 
Gij verwerpt allen die van uw inzettingen afdwalen; want hun sluwheid is vergeefs;  
 
Psa 119:121
 
als afval acht gij alle bozen op aarde; daarom heb ik uw voorschriften lief.  
 
Psa 119:122
 
Mijn vlees huivert van schrik voor u, en ik vrees uw oordelen.  
 
Psa 119:123
 
Recht en gerechtigheid heb ik beoefend; laat mij niet over aan mijn verdrukkers;  
 
Psa 119:124
 
blijf borg voor uw dienstknecht ten goede; dat de overmoedigen mij niet verdrukken.  
 
Psa 119:125
 
Mijn ogen zien smachtend uit naar uw heil en naar uw gerechte belofte.  
 
Psa 119:126
 
Behandel uw dienstknecht naar uw goedertierenheid en leer mij uw inzettingen.  
 
Psa 119:127
 
Ik ben uw dienstknecht, geef mij doorzicht, opdat ik uw voorschriften lere kennen.  
 
Psa 119:128
 
Het is tijd voor den Heer om te handelen: men heeft uw wet verbroken.  
 
Psa 119:129
 
Daarom heb ik uw geboden lief meer dan goud en edel metaal;  
 
Psa 119:130
 
daarom keur ik al uw bevelen goed, haat ik ieder leugenpad.  
 
Psa 119:131
 
Wondervol zijn uw voorschriften; daarom geeft mijn ziel er acht op.  
 
Psa 119:132
 
De onthulling uwer woorden verspreidt licht, geeft doorzicht den eenvoudigen.  
 
Psa 119:133
 
Ik sper mijn mond open en snak; want ik verlang naar uw geboden.  
 
Psa 119:134
 
Wend u tot mij en ontferm u mijner; zoals hun die uw naam liefhebben toekomt.  
 
Psa 119:135
 
Zet mijn treden vast in uw eis, en laat generlei kwaad mij beheersen.  
 
Psa 119:136
 
Verlos mij van verdrukking door mensen; opdat ik uw bevelen onderhoude.  
 
Psa 119:137
 
Doe uw aangezicht lichtend op uw dienstknecht stralen, en leer mij uw inzettingen.  
 
Psa 119:138
 
Mijn ogen lopen over als waterbeken, omdat men uw wet niet onderhoudt.  
 
Psa 119:139
 
Gij, Heer, zijt gerecht, en billijk zijn uw verordeningen.  
 
Psa 119:140
 
Gij hebt in gerechtigheid uw geboden gegeven en in trouw alleszins.  
 
Psa 119:141
 
Van ergernis verga ik; omdat mijn tegenstanders uw woorden hebben vergeten.  
 
Psa 119:142
 
Uw eis is alleszins beproefd, en uw dienstknecht heeft dien lief.  
 
Psa 119:143
 
Al ben ik klein en veracht, uw bevelen vergeet ik niet.  
 
Psa 119:144
 
Uw gerechtigheid is gerechtigheid voor eeuwig, en uw wet is waarheid.  
 
Psa 119:145
 
Al treffen mij nood en druk, uw geboden zijn mijn verkwikking.  
 
Psa 119:146
 
Uw voorschriften zijn voor eeuwig gerechtigheid; geef mij doorzicht, opdat ik leve.  
 
Psa 119:147
 
Ik roep met geheel het hart; verhoor mij, Heer! uw inzettingen wil ik inachtnemen.  
 
Psa 119:148
 
Ik roep u aan, red mij; opdat ik uw voorschriften onderhoude.  
 
Psa 119:149
 
Ik ben de morgenschemering voor met mijn gekrijt, uw woord verbeid ik;  
 
Psa 119:150
 
mijn ogen zijn de nachtwaken voor om uw eis te overpeinzen.  
 
Psa 119:151
 
Luister naar mij, naar uw goedertierenheid; Heer, schenk mij leven, volgens uw recht.  
 
Psa 119:152
 
Nabij zijn zij die schanddaden najagen, die zich ver houden van uw wet.  
 
Psa 119:153
 
Nabij zijt gij, Heer, en al uw geboden zijn waarheid.  
 
Psa 119:154
 
Van ouds weet ik uit uw voorschriften dat gij ze voor eeuwig hebt vastgesteld.  
 
Psa 119:155
 
Zie mijn ellende aan en bevrijd mij; want ik vergat uw wet niet.  
 
Psa 119:156
 
Voer mijn pleit en verlos mij; schenk mij leven, naar uw belofte.  
 
Psa 119:157
 
Van de bozen is het heil verre; want zij vragen niet naar uw inzettingen.  
 
Psa 119:158
 
Talrijk, Heer, zijn de blijken van uw erbarmen; schenk mij leven, naar uw verordeningen.  
 
Psa 119:159
 
Talrijk zijn mijn vervolgers en tegenstanders; ik wijk van uw voorschriften niet.  
 
Psa 119:160
 
Ik walg bij het zien van trouwelozen, van hen die uw eis niet onderhouden.  
 
Psa 119:161
 
Zie dat ik uw bevelen liefheb; Heer, schenk mij leven naar uw goedertierenheid.  
 
Psa 119:162
 
De som uwer woorden is waarheid, en eeuwig duren al uw gerechte verordeningen.  
 
Psa 119:163
 
Vorsten vervolgen mij zonder reden, maar mijn hart siddert voor uw woorden;  
 
Psa 119:164
 
ik verheug mij over uw belofte, als een die groten buit vindt.  
 
Psa 119:165
 
Leugen haat en verafschuw ik, uw wet heb ik lief.  
 
Psa 119:166
 
Zevenmaal daags roem ik u, vanwege uw gerechte verordeningen.  
 
Psa 119:167
 
Rijke vrede is het deel van de minnaars uwer wet, geen struikelblok ligt hun in den weg.  
 
Psa 119:168
 
Ik wacht op uw heil, Heer, en uw geboden betracht ik;  
 
Psa 119:169
 
ik onderhoud uw voorschriften en heb ze zielslief;  
 
Psa 119:170
 
ik onderhoud uw bevelen en voorschriften; want al mijn wegen liggen bloot voor u.  
 
Psa 119:171
 
Moge mijn klacht tot u doordringen, Heer; geef mij doorzicht, naar uw woord;  
 
Psa 119:172
 
moge mijn smeking tot u komen; verlos mij, naar uw belofte.  
 
Psa 119:173
 
Mijn lippen zullen lofliederen doen stromen; want gij leert mij uw inzettingen.  
 
Psa 119:174
 
Mijn tong zal uw belofte bezingen; want al uw geboden zijn gerechtigheid.  
 
Psa 119:175
 
Zij uw hand gereed om mij te helpen; want uw bevelen heb ik verkoren.  
 
Psa 119:176
 
Ik verlang naar uw heil, Heer, en uw wet is mij een verkwikking.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Job 1Psalms 118102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 112 113 114 115 116 117 118 119 120 121 122 123 124 125 126 127 128 129 130 131 132 133 134 135 136 Psalms 120Proverbs 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards