| |
Hollands LEI |  | |
 |
| |
| | Job 23:1 | Job antwoordde en zeide:
| |
| | Job 23:2 | Ook thans is mijn klagen weerspannigheid; zijn hand drukt zwaar op mijn zuchten.
| |
| | Job 23:3 | Och of ik wist, waar ik hem vinden kon, of ik komen kon tot zijn zetel!
| |
| | Job 23:4 | Dan zou ik de zaak voor hem uiteenzetten, mijn mond vullen met woorden van verweer.
| |
| | Job 23:5 | Ik zou willen weten, met welke woorden hij mij antwoorden, willen vernemen, wat hij tot mij zeggen zou.
| |
| | Job 23:6 | Zou hij met overmacht tegen mij strijden? Als hij slechts op mij lette!
| |
| | Job 23:7 | Dan zou daar een brave voor hem staan pleiten, en ik voorgoed aan mijn rechter ontkomen.
| |
| | Job 23:8 | Doch ga ik naar het oosten, hij is er niet, naar het westen, ik bespeur hem niet;
| |
| | Job 23:9 | gaat hij in het noorden werken, ik merk het niet; wendt hij zich naar het zuiden, ik zie het niet.
| |
| | Job 23:10 | Want hij weet hoe mijn wandel is, toetste hij mij, ik kwam als goud te voorschijn:
| |
| | Job 23:11 | in zijn spoor bleef mijn voet ik hield zijn weg zonder af te buigen;
| |
| | Job 23:12 | van het gebod zijner lippen week ik niet, in mijn boezem borg ik de woorden van zijn mond.
| |
| | Job 23:13 | Maar als hij iets verkiest, wie zal hem keren? begeert hij iets, dan voert hij het uit.
| |
| | Job 23:14 | Want hij zal volvoeren wat over mij besloten is, hij heeft nog veel dergelijke dingen in den zin.
| |
| | Job 23:15 | Daarom sta ik voor hem verbijsterd, als ik het indenk, sidder ik voor hem.
| |
| | Job 23:16 | God heeft mijn hart week gemaakt, de Machtige heeft mij verbijsterd.
| |
| | Job 23:17 | Want ik ben niet radeloos wegens de duisternis zelve, en omdat de donkerte mijn aangezicht bedekt.
| |