All NT OTBook
Compare Texts
Esther 1 Job 9

Job 10:1-22

Job 11 Psalms 1

Hollands LEI

 
 
 
Job 10:1
 
Ik walg van het leven; dies wil ik aan mijn klachten den vrijen loop laten, spreken in de bittere droefenis mijner ziel.  
 
Job 10:2
 
Ik zeg tot God: Behandel mij niet als een schuldige; deel mij mede, waarom gij tegen mij strijdt.  
 
Job 10:3
 
Brengt het u voordeel aan, als gij verdrukt, het gewrocht uwer handen voor niets acht, en over de plannen der bozen licht laat schijnen?  
 
Job 10:4
 
Hebt gij ogen van vlees, het gezichtsvermogen van een mens;  
 
Job 10:5
 
is uw levensduur als die eens mensen, uwer jaren tal als dat eens mans,  
 
Job 10:6
 
dat gij naar mijn schuld zoekt, en naar mijn zonde vorst?  
 
Job 10:7
 
En dat, ofschoon gij weet dat ik geen boosdoener ben en niemand uit uw hand redden kan!  
 
Job 10:8
 
Uw handen hebben mij met zorg gevormd en gemaakt; en zoudt gij mij nu weer vernietigen?  
 
Job 10:9
 
Bedenk toch dat gij mij als van leem gemaakt hebt; en zoudt gij mij tot stof doen terugkeren?  
 
Job 10:10
 
Deedt gij mij niet als melk vloeien, mij niet stremmen als kaas?  
 
Job 10:11
 
Met huid en vlees bekleeddet gij mij, gij doorweefdet mij met beenderen en spieren.  
 
Job 10:12
 
Leven en gunst hebt gij mij geschonken, uw zorg heeft over mijn adem gewaakt.  
 
Job 10:13
 
Maar tevens hadt gij dit bij uzelf besloten, ik weet dat dit bij u vaststond:  
 
Job 10:14
 
Als ik zondigde, zoudt gij mij in het oog houden, en mij niet ongestraft laten voor mijn schuld.  
 
Job 10:15
 
Was ik schuldig, wee mij! en had ik gelijk, ik zou mijn hoofd toch niet mogen opheffen, zat van smaad en gedrenkt met ellende.  
 
Job 10:16
 
Verhief het zich toch, gij zoudt als een leeuw jacht op mij maken, telkens opnieuw uw wondermacht aan mij betonen,  
 
Job 10:17
 
telkens andere getuigen tegen mij doen optreden, uw gramschap tegen mij gedurig groter maken, leger op leger tegen mij oproepen.  
 
Job 10:18
 
Waarom toch hebt gij mij uit den moederschoot doen komen? Ik had den geest moeten geven voordat een oog mij zag;  
 
Job 10:19
 
ik had moeten zijn alsof ik er niet geweest was, moest van den schoot af ten grave zijn gedragen.  
 
Job 10:20
 
Zijn mijn levensdagen niet luttel? Laat dan van mij af, opdat ik een weinig opluike,  
 
Job 10:21
 
voordat ik heenga om niet weer te keren, naar het land van duisternis en donkerheid,  
 
Job 10:22
 
het land van duisternis en wanorde, waar het licht glanst als de donkerheid.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Esther 1Job 91 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 Job 11Psalms 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards