All NT OTBook
Compare Texts
Esther 1 Esther 10

Job 1:1-22

Job 2 Psalms 1

Hollands LEI

 
 
 
Job 1:1
 
Er was eens in het land Us een man, Job genaamd; die man was deugdzaam en rechtschapen, godvrezend en tegen het kwaad op zijn hoede;  
 
Job 1:2
 
hem werden zeven zonen en drie dochters geboren,  
 
Job 1:3
 
en hij bezat zevenduizend stuks kleinvee, drieduizend kamelen, vijfhonderd koppels runderen, vijfhonderd ezelinnen en een zeer talrijken slavenstoet. Zo was die man aanzienlijker dan alle Oosterlingen.  
 
Job 1:4
 
Zijn zonen nu richtten, ieder op zijn beurt een maaltijd aan en nodigden hun drie zusters om met hen te eten en te drinken.  
 
Job 1:5
 
Als dan de reeks dier dagen van maaltijd rond was geweest, deed Job hen komen en heiligde hen; dan bracht hij den volgenden morgen brandoffers, voor elk hunner een; want, dacht Job, misschien hebben mijn kinderen gezondigd en in hun hart God vaarwelgezegd. Zo deed Job altijd.  
 
Job 1:6
 
Eens kwamen de zonen Gods zich bij den Heer stellen, en onder hen kwam ook de Satan.  
 
Job 1:7
 
En de Heer zeide tot den Satan: Van waar komt gij? De Satan antwoordde den Heer: Ik heb de aarde doorkruist en ben op haar rondgetrokken.  
 
Job 1:8
 
Hierop zeide de Heer tot den Satan: Hebt gij gelet op mijn dienaar Job? Zijns gelijke is er toch niet op aarde: een zo deugdzaam en rechtschapen man, godvrezend en op zijn hoede tegen het kwaad.  
 
Job 1:9
 
De Satan antwoordde den Heer: Is Job godvrezend voor niet?  
 
Job 1:10
 
Gij hebt immers hem en zijn gezin en alwat hem toebehoort aan alle kanten omheind; het werk zijner handen hebt gij gezegend, en zijn vee heeft zich geweldig uitgebreid in het land.  
 
Job 1:11
 
Maar strek uw hand eens uit en tast alwat hem toebehoort aan; of hij u ook in het aangezicht vaarwelzeggen zal!  
 
Job 1:12
 
En de Heer zeide tot den Satan: Welaan, alwat hem toebehoort is aan u overgeleverd. Alleen naar hemzelf moogt gij uw hand niet uitstrekken. Toen ging de Satan uit 's Heeren tegenwoordigheid heen.  
 
Job 1:13
 
Eens dan, toen Jobs zonen en dochteren om te eten en wijn te drinken ten huize van hun oudsten broeder waren,  
 
Job 1:14
 
kwam een bode tot hem en zeide: De runderen waren aan het ploegen, en de ezelinnen graasden in de nabijheid,  
 
Job 1:15
 
daar deden de Sjabeers een inval en roofden ze weg; de knechten versloegen zij met het scherp van het zwaard; ik alleen ben ontkomen om het u te melden.  
 
Job 1:16
 
Nog sprak deze, toen een ander kwam en zeide: Vuur Gods is van den hemel gevallen en heeft het kleinvee en de knechten verzengd en verteerd; ik alleen ben ontkomen om het u te melden.  
 
Job 1:17
 
Nog sprak deze toen een ander kwam en zeide: De Chaldeen, in drie benden verdeeld, deden een aanval op de kamelen en roofden ze weg; de knechten versloegen zij met het scherp van het zwaard; ik alleen ben ontkomen om het u te melden.  
 
Job 1:18
 
Nog sprak deze, toen een ander kwam en zeide: Uw zonen en dochteren aten en dronken wijn ten huize van hun oudsten broeder,  
 
Job 1:19
 
toen plotseling een hevige wind van over de woestijn opkwam en het huis aan de vier hoeken aangreep; het viel op de jongelieden, en zij stierven; ik alleen ben ontkomen om het u te melden.  
 
Job 1:20
 
Toen stond Job op, verscheurde zijn mantel, schoor zijn hoofd kaal, viel ter aarde en wierp zich neder,  
 
Job 1:21
 
zeggende: Naakt ben ik uit den schoot mijner moeder gekomen, naakt zal ik derwaarts wederkeren; de Heer heeft gegeven, de Heer heeft genomen, de naam des Heeren zij geloofd!  
 
Job 1:22
 
In dit alles heeft Job niet gezondigd en tot God geen onvertogen woord gericht.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
Esther 1Esther 101 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 Job 2Psalms 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards