All NT OTBook
Compare Texts
2 Kings 1 1 Chronicles 2

1 Chronicles 3:1-24

1 Chronicles 4 2 Chronicles 1

Hollands LEI

 
 
 
1Ch 3:1
 
Dit zijn de zonen van David die hem te Hebron geboren zijn: de eerstgeborene Amnon, van Ahinoam, de Jizreelietische; de tweede Daluja, van Abigail, de Karmelietische;  
 
1Ch 3:2
 
de derde Absalom, de zoon van Maacha, dochter van Talmai, den koning van Gesjur; de vierde Adonia, de zoon van Haggith;  
 
1Ch 3:3
 
de vijfde Sjefatja, van Abital; de zesde Jithream, van zijn vrouw Egla.  
 
1Ch 3:4
 
Zes zijn hem geboren te Hebron, waar hij zeven jaren en zes maanden regeerde, terwijl hij drie en dertig jaren te Jeruzalem geregeerd heeft.  
 
1Ch 3:5
 
De volgenden zijn hem geboren te Jeruzalem: Sjammua, Sjobab, Nathan en Salomo, vier, van Bathsjua, de dochter van Ammiel;  
 
1Ch 3:6
 
voorts Jibhar, Elisjua, Elifelet,  
 
1Ch 3:7
 
Nogah, Nefeg, Jafia,  
 
1Ch 3:8
 
Elisjama, Eljada en Elifelet, negen.  
 
1Ch 3:9
 
Dit zijn allen zonen van David, behalve de zonen der bijvrouwen, en Tamar was hun zuster.  
 
1Ch 3:10
 
De zoon van Salomo was Rehabeam, zijn zoon was Abia, zijn zoon was Aza, zijn zoon was Josjafat,  
 
1Ch 3:11
 
zijn zoon was Joram, zijn zoon was Ahazja, zijn zoon was Joas,  
 
1Ch 3:12
 
zijn zoon was Amasja, zijn zoon was Azarja, zijn zoon was Jotham,  
 
1Ch 3:13
 
zijn zoon was Ahaz, zijn zoon was Hizkia, zijn zoon was Manasse,  
 
1Ch 3:14
 
zijn zoon was Amon, zijn zoon was Jozia.  
 
1Ch 3:15
 
De zonen van Jozia: de eerstgeborene Joahaz, de tweede Jojakim, de derde Sedekia, de vierde Sjallum.  
 
1Ch 3:16
 
De zonen van Jojakim: zijn zoon was Jechonja, zijn zoon was Sedekia.  
 
1Ch 3:17
 
De zonen van Jechonja, den gevankelijk weggevoerde: zijn zoon was Sjealtiel,  
 
1Ch 3:18
 
voorts: Malkiram, Pedaja, Sjenassar, Jekamja, Hosjama en Nedabja.  
 
1Ch 3:19
 
De zonen van Pedaja: Zerubbabel en Sjimei. De zonen van Zerubbabel: Mesjullam, Hananja en hun zuster Sjelomith,  
 
1Ch 3:20
 
voorts: Hasjuba, Ohel, Berechja, Hasadja, Jusjab-hezed, vijf.  
 
1Ch 3:21
 
De zonen van Hananja: Pelatja, zijn zoon was Jezaja, zijn zoon was Refaja, zijn zoon was Arnan, zijn zoon was Obadja, zijn zoon was Sjechanja.  
 
1Ch 3:22
 
De zonen van Sjechanja: Sjemaja; de zonen van Sjemaja: Hattus, Jigeal, Bariah, Nearja en Sjafat, zes.  
 
1Ch 3:23
 
De zonen van Nearja: Eljoenai, Hizkia en Azrikam, drie.  
 
1Ch 3:24
 
De zonen van Eljoenai: Hodawja, Eljasjib, Pelaja, Akkub, Johanan, Delaja en Anani, zeven.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
2 Kings 11 Chronicles 21 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 1 Chronicles 42 Chronicles 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards