All NT OTBook
Compare Texts
2 Samuel 1 1 Kings 18

1 Kings 19:1-21

1 Kings 20 2 Kings 1

Hollands LEI

 
 
 
1Ki 19:1
 
Toen nu Achab aan Izebel verhaalde alwat Elia gedaan had, en hoe hij al de profeten met het zwaard had gedood,  
 
1Ki 19:2
 
zond Izebel een bode tot Elia met de woorden: Zo, ja meer nog, zullen de goden mij doen, indien ik morgen om dezen tijd uw leven niet op gelijke lijn stel met dat van een hunner!  
 
1Ki 19:3
 
Toen werd hij bevreesd, maakte zich op en ging heen om lijfsbehoud. Te Bersjeba, in Juda, gekomen, liet hij daar zijn jongen achter  
 
1Ki 19:4
 
en ging zelf de woestijn in, een dagreis ver. Hier gekomen, zette hij zich onder een bremstruik; hij verlangde te sterven en zeide: 't Is nu genoeg, Heer, neem mijn leven; want ik ben niet beter dan mijn vaderen.  
 
1Ki 19:5
 
Hierop legde hij zich neder en sliep in onder een bremstruik; maar, zie, een engel stiet hem aan en zeide tot hem: Sta op, eet.  
 
1Ki 19:6
 
Hij zag op, en daar stonden aan zijn hoofdeneinde een broodkoek en een kruik water. Hij at en dronk, en legde zich wederom te slapen.  
 
1Ki 19:7
 
Doch de engel des Heeren stiet hem ten tweeden male aan en zeide: Sta op, eet; anders is de reis u te ver.  
 
1Ki 19:8
 
Zo stond hij op, at en dronk, en ging, door de kracht van die spijs, veertig dagen en nachten, tot aan den berg Gods, den Horeb.  
 
1Ki 19:9
 
Hier ging hij de grot binnen en overnachtte aldaar; en zie, het woord des Heeren kwam tot hem: Wat hebt gij hier te doen, Elia?  
 
1Ki 19:10
 
Hij zeide: Ik heb vurig geijverd voor den Heer, den god der heirscharen; want de Israelieten hebben u verlaten, uw altaren verwoest en uw profeten met het zwaard gedood; ik ben alleen overgebleven, en zij zoeken mij het leven te benemen.  
 
1Ki 19:11
 
Toen zeide hij: Kom uit en ga op den berg staan voor den Heer. Hij kwam uit en stond aan den ingang der grot; en zie, de Heer ging voorbij. Eerst een geweldige stormwind, die bergen brak en rotsen verbrijzelde, voor den Heer uit; niet in den wind was de Heer. Na den wind een aardbeving; niet in de aardbeving was de Heer.  
 
1Ki 19:12
 
Na de aardbeving vuur; niet in het vuur was de Heer. Na het vuur het suizen van een zachte stilte.  
 
1Ki 19:13
 
Zodra Elia dit hoorde, omhulde hij zijn gelaat met zijn mantel. En zie, een stem klonk hem tegen: Wat hebt gij hier te doen, Elia?  
 
1Ki 19:14
 
Hij zeide: Ik heb vurig geijverd voor den Heer, den god der heirscharen; want de Israelieten hebben u verlaten, uw altaren verwoest en uw profeten met het zwaard gedood; ik ben alleen overgebleven, en zij zoeken mij het leven te benemen.  
 
1Ki 19:15
 
Toen zeide de Heer tot hem: Ga heen, keer denzelfden weg terug, naar de woestijn van Damaskus; zalf, daar gekomen, Hazael tot koning over Aram;  
 
1Ki 19:16
 
voorts zult gij Jehu, den zoon van Nimsji, tot koning over Israel zalven, en Eliza, den zoon van Sjafat, van Abel-mehola, zult gij tot profeet in uw plaats zalven.  
 
1Ki 19:17
 
Wie dan aan het zwaard van Hazael ontkomt, dien zal Jehu doden, en wie aan het zwaard van Jehu ontkomt, dien zal Eliza doden.  
 
1Ki 19:18
 
Maar ik zal in Israel zevenduizend doen overblijven: hen allen wier knie zich niet voor den Baal gebogen en wier mond hem niet gekust heeft.  
 
1Ki 19:19
 
Zo ging hij van daar en trof Eliza, den zoon van Sjafat, terwijl hij aan het ploegen was, twaalf koppels voor hem uit, hijzelf bij het twaalfde. Elia ging hem voorbij en wierp zijn mantel op hem.  
 
1Ki 19:20
 
Hij verliet de runderen, liep Elia achterna en zeide: Laat mij mijn vader en mijn moeder kussen, en u dan volgen. Hij zeide tot hem: Ga heen, keer terug; immers, wat heb ik u gedaan?  
 
1Ki 19:21
 
Toen keerde hij van hem terug, nam het koppel runderen, slachtte ze, kookte ze over het tuig der runderen en gaf het vlees aan het volk en zij aten. Daarna maakte hij zich op, volgde Elia en werd zijn dienaar.  

Genesis | Exodus | Leviticus | Numbers | Deuteronomy | Joshua | Judges | Ruth | 1 Samuel | 2 Samuel | 1 Kings | 2 Kings | 1 Chronicles | 2 Chronicles | Ezra | Nehemiah | Esther | Job | Psalms | Proverbs | Ecclesiastes | Song of Solomon | Isaiah | Jeremiah | Lamentations | Ezekiel | Daniel | Hosea | Joel | Amos | Obadiah | Jonah | Micah | Nahum | Habakkuk | Zephaniah | Haggai | Zechariah | Malachi | Matthew | Mark | Luke | John | Acts | Romans | 1 Corinthians | 2 Corinthians | Galatians | Ephesians | Philippians | Colossians | 1 Thessalonians | 2 Thessalonians | 1 Timothy | 2 Timothy | Titus | Philemon | Hebrews | James | 1 Peter | 2 Peter | 1 John | 2 John | 3 John | Jude | Revelation
2 Samuel 11 Kings 181 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 1 Kings 202 Kings 1
© 2005 redegg.org Home | Bible | About | Help | Site Map | Violin Flash Cards